Veilig lichaamsgericht werken: wanneer is het “te veel”?
Lichaamsgericht werken kan veel openen. Daarom is veiligheid essentieel. Hier lees je de signalen van “te veel”, wat je dan het beste doet en hoe je voorkomt dat je jezelf overbelast.
Soms voelt lichaamsgericht werken als thuiskomen. Soms als een deur die te hard openzwaait. “Te veel” betekent niet dat je faalt, het betekent dat je systeem bescherming nodig heeft.
Signalen dat het te veel wordt
Je kunt dit merken als:
- je adem hoog wordt of je gaat hijgen
- je hartslag stijgt en je voelt onrust of paniek
- je hoofd gaat racen, je wil ineens van alles oplossen
- je wordt misselijk, duizelig of krijgt druk op je borst
- je voelt ineens niks meer, alsof je weg bent
- je wordt prikkelbaar of emotioneel overspoeld
- je krijgt het gevoel: “ik moet hier nú uit”
Wat je dan doet (in deze volgorde)
- Stop. Letterlijk. Leg je handen neer, voeten op de grond.
- Oriënteer. Kijk rustig om je heen, noem 3 dingen die je ziet.
- Vertraag. Ga zitten of staan, adem normaal, niks forceren.
- Contact met buitenkant. Voel je rug tegen de stoel, voeten op de vloer.
- Kies klein. Eén slok water, één rustige uitademing, één stap.
Wat je liever niet doet
- jezelf pushen “om erdoorheen te gaan”
- zoeken naar de perfecte verklaring
- intensiveren met heftige adem of lang doorgaan met oefeningen
- alleen blijven ploeteren als je merkt dat je herhaaldelijk overspoeld raakt
Wanneer extra hulp verstandig is
Als je vaak dissocieert, paniek krijgt, of achteraf dagen van slag bent: doe dit niet solo. Lichaamsgericht werken is dan juist iets dat je veilig in begeleiding leert doseren.
Veiligheid is geen rem op groei. Het is de bodem waarop groei überhaupt kan landen.
Lees ook:
- Window of tolerance uitgelegd
- Persoonlijkheid of trauma? (autonoom zenuwstelsel)
Ben je op zoek naar individuele begeleiding door een lichaamsgericht hechtingstherapeut, kijk dan in deze lijst met aangesloten lichaamsgericht therapeuten.
