Autonomie binnen hechting: jezelf blijven in relaties

Wat betekent autonomie binnen hechting?

Autonomie betekent dat je een eigen persoon kunt zijn terwijl je verbonden bent met anderen.

Je kunt van iemand houden en iets anders willen. Je kunt advies vragen en uiteindelijk zelf beslissen. Je kunt rekening houden met iemand zonder automatisch mee te bewegen. Je kunt steun nodig hebben zonder je zelfstandigheid kwijt te raken.

Juist in relaties wordt duidelijk hoe stevig die autonomie werkelijk is.

Zolang niemand iets van je wil, is het betrekkelijk eenvoudig om te weten wat je vindt. Het wordt interessanter wanneer iemand van wie je houdt teleurgesteld is in jouw keuze. Wanneer je partner iets anders wil. Wanneer je moeder vindt dat je vaker langs moet komen. Wanneer iemand boos wordt op jouw nee.

Kun je dan nog voelen: dit is wat voor mij klopt, ook al vindt iemand anders daar iets van?

Dat is autonomie binnen hechting.

Autonomie is meer dan zelfstandig zijn

Zelfstandigheid en autonomie worden gemakkelijk door elkaar gehaald.

Iemand kan uitstekend alleen functioneren, weinig hulp vragen en alles zelf regelen. Dat zegt nog weinig over autonomie.

Soms is 'ik heb niemand nodig' juist een manier geworden om afhankelijkheid, teleurstelling of kwetsbaarheid te vermijden. Bij een meer vermijdend hechtingspatroon kan grote zelfstandigheid bijvoorbeeld samengaan met moeite om steun toe te laten.

Autonomie gaat over iets anders.

  • Je kunt contact toelaten én jezelf blijven.
  • Je kunt beïnvloed worden zonder jezelf onmiddellijk aan te passen.
  • Je kunt afhankelijk zijn waar afhankelijkheid bij een relatie hoort en daarnaast verantwoordelijkheid houden voor je eigen keuzes.

Daarmee is autonomie een relationeel vermogen.

Veilige hechting geeft ruimte om weg te bewegen

Binnen de hechtingstheorie gebruikte John Bowlby het begrip secure base, of veilige basis. Een kind dat voldoende vertrouwen heeft dat een ouder beschikbaar is, krijgt ruimte om de omgeving te onderzoeken. Het kan wegbewegen, ontdekken en terugkomen wanneer dat nodig is. Die beweging blijft ook later relevant.

In een volwassen relatie betekent een veilige basis bijvoorbeeld dat je een eigen leven kunt hebben zonder voortdurend bang te zijn dat de relatie daardoor verdwijnt. Je kunt iets nieuws ondernemen, tijd alleen doorbrengen, andere mensen belangrijk vinden en je eigen keuzes maken terwijl de verbinding blijft bestaan.

Daar zit een boeiende paradox in. Onderzoek naar hechting noemt dit ook wel de dependency paradox: wanneer mensen erop kunnen vertrouwen dat steun beschikbaar is als zij die nodig hebben, kan dat juist méér zelfstandig functioneren mogelijk maken.

Gezonde autonomie vraagt dus geen leven zonder afhankelijkheid. De ervaring dat je soms op iemand mag leunen, kan juist helpen om weer op eigen benen verder te gaan.

Kun je verschillen zonder dat de relatie op het spel staat?

Autonomie wordt vooral zichtbaar bij verschil.

  • Jij wilt naar huis. Je partner wil blijven.
  • Je vriendin vindt dat je een verkeerde beslissing neemt.
  • Je vader is teleurgesteld omdat je kerst dit jaar ergens anders viert.
  • Je collega verwacht dat jij iets oplost en jij vindt dat het bij hem hoort.

Op zulke momenten ontstaat een subtiele opdracht: de ander serieus nemen en tegelijkertijd blijven weten wat van jou is. Dat lukt niet altijd.

Je kunt zo bezig raken met de reactie van de ander dat je eigen positie langzaam verdwijnt. Je legt steeds uitgebreider uit waarom je iets wilt. Je verandert je besluit. Je gaat onderhandelen over iets waarover je eigenlijk al besloten had. Of je wordt juist hard en sluit ieder gesprek af omdat verschil onmiddellijk als aantasting van je vrijheid voelt.

Autonomie bevindt zich precies in dat gebied ertussenin: ik kan horen wat jij vindt en ik hoef daardoor mijn eigen positie niet kwijt te raken.

Wie merkt dat een grens vooral moeilijk wordt zodra een ander erop reageert, kan verder lezen bij Grenzen in relaties: voelen, uitspreken en volhouden.

Jezelf blijven vraagt ook dat de ander anders mag zijn

Er zit nog een kant aan autonomie die gemakkelijk wordt vergeten. Wanneer jij recht hebt op een eigen binnenwereld, heeft de ander dat ook.

  • Je partner mag iets anders voelen dan jij.
  • De ander hoeft jouw keuze niet prettig te vinden.
  • Iemand kan meer of minder behoefte hebben aan contact.
  • Een geliefde kan tijd nodig hebben voor iets waar jij al klaar voor bent.

Autonomie vraagt daardoor ook dat je de ander niet voortdurend nodig hebt om jouw binnenwereld te bevestigen. Dat kan spannend worden wanneer afstand snel voelt als verlies. Dan kan de behoefte ontstaan om antwoorden, geruststelling of nabijheid te krijgen zodat de spanning afneemt. Bij angst om verlaten te worden kan de autonomie van de ander daardoor moeilijk te verdragen zijn.

Aan de andere kant kan nabijheid juist gaan voelen alsof je vrijheid verdwijnt. Dan kan afstand noodzakelijk lijken om jezelf terug te vinden.

In beide gevallen raakt autonomie gekoppeld aan wat de ander doet.

Differentiatie: dicht bij iemand blijven zonder samen te vallen

Binnen de systeemtherapie bestaat hiervoor een bruikbaar begrip: differentiatie van het zelf. Daarmee wordt bedoeld dat je onderscheid kunt blijven maken tussen jouw gevoelens, gedachten en keuzes en die van mensen met wie je sterk verbonden bent.

Dat klinkt eenvoudig totdat iemand die belangrijk voor je is heel anders reageert dan je hoopte. Dan blijkt hoeveel ruimte er werkelijk tussen twee mensen kan bestaan.

  • Kun je liefde voelen én boos zijn?
  • Kun je begrip hebben voor iemands verdriet én bij je besluit blijven?
  • Kun je luisteren zonder onmiddellijk verantwoordelijkheid te nemen voor wat de ander voelt?
  • Kun je steun ontvangen zonder vervolgens te voelen dat je iets terug moet doen?

Een zekere mate van differentiatie geeft relaties lucht. Er kunnen twee mensen bestaan, ieder met een eigen binnenwereld, terwijl het contact behouden blijft.

Het lichaam verraadt soms hoe moeilijk autonomie is

Je kunt in je hoofd precies weten wat je wilt en lichamelijk toch iets heel anders doen.

  • Je partner fronst en je begint sneller te praten.
  • Iemand klinkt teleurgesteld en je voelt jezelf al naar voren bewegen om het goed te maken.
  • Je wilt nee zeggen, terwijl je mond al een verklaring produceert.
  • Of iemand komt emotioneel dichterbij en je voelt onmiddellijk de neiging om achteruit te gaan, je armen over elkaar te slaan of het gesprek praktisch te maken.

Binnen Llichaamsgericht Hechtingswerk zijn juist zulke momenten die de meeste informatie geven. Ze laten zien hoeveel vrijheid er beschikbaar blijft wanneer verbinding werkelijk iets van je vraagt. Daarom gaat autonomie ook over kunnen merken wat er met jezelf gebeurt vóórdat je automatisch meegaat of afstand neemt.

Soms zit de eerste stap in iets heel kleins: je antwoord nog even niet geven. Voelen dat je voeten op de grond staan. Merken dat je eigenlijk nee wilt zeggen. Een teleurgestelde blik zien en je besluit nog tien seconden laten staan.

Daar kan keuze ontstaan.

Autonomie en co-regulatie horen bij elkaar

Mensen reguleren zichzelf nooit volledig los van anderen. Een rustige stem, betrouwbare aanwezigheid of aanraking kan werkelijk verschil maken. Daarover lees je meer bij co-regulatie in relaties.

Autonomie betekent dus ook dat je steun kunt gebruiken zonder de ander verantwoordelijk te maken voor jouw binnenwereld.

  • Je mag zeggen: ik heb je even nodig. En ook: dit moet ik uiteindelijk zelf beslissen.
  • Je kunt troost ontvangen en daarna je eigen verdriet dragen.
  • Je kunt samen nadenken en uiteindelijk zelf kiezen.
  • Je kunt een partner nodig hebben en toch een afzonderlijk mens blijven.

Wanneer autonomie volwassen wordt

Volwassen autonomie herken je misschien het duidelijkst aan wat er mogelijk wordt. Je hoeft geen toestemming meer te krijgen voordat je weet wat je wilt. Je hoeft jezelf ook niet af te sluiten om een eigen keuze te kunnen maken.

Er komt meer ruimte voor zinnen als:

  • Ik begrijp dat dit voor jou moeilijk is. Mijn keuze blijft hetzelfde.
  • Ik weet nog niet wat ik wil. Ik wil daar eerst zelf over nadenken.
  • Ik heb je steun nodig, terwijl ik dit wel zelf moet doen.
  • Jij mag daar anders over denken.
  • Ik wil dichtbij je zijn en vanavond ook graag alleen.

Daarin kunnen twee behoeften naast elkaar bestaan: verbonden zijn en een eigen persoon blijven.

Binnen hechting zijn die twee geen tegenstanders. Wanneer verbinding voldoende veiligheid biedt, ontstaat juist meer ruimte om te ontdekken wie jij bent, wat jij wilt en welke richting bij jou hoort.

Wil je zelf ervaren hoe dit in jou werkt? Ben je nieuwsgierig naar wat jouw lichaam hierin doet? Kom dan naar een van onze themadagen of kennismakingsworkshop.

Reactie plaatsen