Wat betekent draagkracht in traumawerk?

Wat betekent draagkracht in traumawerk?

Bij traumawerk wordt vaak gesproken over draagkracht. Daarmee bedoelen we het vermogen om spanning, emoties en lichamelijke reacties te ervaren zonder zo overspoeld te raken dat je het contact met jezelf of het hier en nu verliest.

Draagkracht betekent dus niet dat je veel moet kunnen verdragen. Het gaat erom dat je voldoende aanwezig kunt blijven bij wat er gebeurt om een ervaring te kunnen verwerken.

Dat verschil is essentieel in traumawerk.

Wanneer wordt iets te veel?

Wanneer een ervaring te intens, te snel of te overweldigend wordt, kan het zenuwstelsel reageren met sterke activatie. Iemand wordt bijvoorbeeld angstig, gejaagd, gespannen of hyperalert.

Er kan ook een beweging de andere kant op ontstaan. Iemand wordt vlak, afwezig, extreem moe of voelt nauwelijks meer wat er in het lichaam gebeurt. Soms is er sprake van bewustzijnsverandering: het contact met delen van de eigen ervaring of de omgeving vermindert. 

In beide gevallen wordt verwerken moeilijker. Het systeem is dan vooral bezig met bescherming.

Dit sluit aan bij het begrip window of tolerance, vaak vertaald als tolerantievenster. Daarmee wordt de bandbreedte bedoeld waarbinnen iemand spanning kan ervaren en tegelijkertijd voldoende contact houdt met zichzelf, de omgeving en het vermogen om na te denken en te kiezen.

Meer over sterke activatie en het vermogen om emoties te reguleren lees je in Emotieregulatie en overprikkeling.

Draagkracht is geen vaste eigenschap

Je hebt niet simpelweg veel of weinig draagkracht.

Iemand kan op het ene moment behoorlijk wat spanning verdragen en op een ander moment veel sneller overspoeld raken. Slaaptekort, langdurige stress, ziekte, conflicten, onzekerheid en gebrek aan steun kunnen de beschikbare draagkracht verkleinen.

Veiligheid, voorspelbaarheid, steun, herstel en het vermogen om eigen signalen tijdig op te merken kunnen juist meer ruimte geven.

Daarom kijkt een therapeut in traumawerk steeds opnieuw naar wat iemand op dit moment kan ervaren en verwerken.

Waarom is draagkracht zo belangrijk bij traumawerk?

Er bestaat een hardnekkig idee dat verwerking vooral ontstaat door naar de pijn toe te gaan. Alsof je uiteindelijk door de moeilijkste ervaring heen moet om ervan los te komen.

Bij zorgvuldig traumawerk speelt dosering juist een grote rol.

Wanneer te veel spanning tegelijk wordt opgeroepen, kan iemand opnieuw overspoeld of afgesloten raken. Er ontstaat dan veel emotie of lichamelijke activatie, terwijl er weinig nieuwe verwerking plaatsvindt.

Daarom wordt soms gesproken over titratie: een ervaring in kleine, hanteerbare hoeveelheden benaderen. Er wordt voldoende geraakt om iets te kunnen onderzoeken, terwijl er tegelijkertijd voldoende contact blijft met veiligheid, het lichaam, de omgeving en de therapeut.

Het tempo wordt dus niet bepaald door hoeveel iemand kan vertellen of hoeveel emotie er naar boven kan worden gehaald. De beschikbare draagkracht is mede bepalend.

In Waarom ontspant mijn lichaam niet? lees je meer over de manier waarop een lichaam na overweldigende ervaringen gespannen en alert kan blijven.

Hoe herken je voldoende draagkracht?

Draagkracht is bijvoorbeeld zichtbaar wanneer iemand spanning kan opmerken en tegelijkertijd aanwezig blijft. Er kan angst, verdriet, boosheid of lichamelijke activatie zijn, terwijl iemand nog weet waar hij is, contact kan houden met de therapeut en kan aangeven wanneer iets te veel wordt.

Er blijft enige keuzevrijheid bestaan.

Dat betekent niet dat traumawerk comfortabel hoort te zijn. Juist moeilijke ervaringen kunnen worden aangeraakt. Het verschil zit in de mogelijkheid om tijdens en na die activatie weer terug te keren naar meer regulatie.

Wanneer iemand steeds verder wegraakt, verstijft, nauwelijks nog iets voelt, sterk in paniek raakt of volledig wordt meegesleept door wat wordt opgeroepen, vraagt het proces meestal om vertraging.

Draagkracht kan groeien

Draagkracht ontwikkelen betekent niet dat je jezelf traint om steeds meer pijn te verdragen.

Het betekent onder andere dat je eerder leert herkennen wat er in je gebeurt. Je merkt spanning eerder op, voelt beter wanneer een grens wordt bereikt en ontdekt wat helpt om weer terug te keren naar het hier en nu.

Binnen lichaamsgericht traumawerk kan daarom aandacht zijn voor adem, houding, gronding, beweging, lichamelijke gewaarwordingen, grenzen en het contact met de therapeut.

Langzaam kan er meer ruimte ontstaan tussen voelen en overspoeld raken.

Een herinnering, emotie of lichamelijke reactie hoeft dan niet langer automatisch het hele systeem over te nemen.

Draagkracht binnen Lichaamsgericht Hechtingswerk

Binnen Lichaamsgericht Hechtingswerk kijken we bij trauma daarom niet alleen naar wat iemand heeft meegemaakt, maar ook naar wat iemand op dit moment kan dragen en verwerken.

Lichamelijke signalen, emoties, hechtingspatronen, bescherming, de actuele levenssituatie en het contact met de therapeut geven samen informatie over wat passend is.

Dat vraagt om zorgvuldig afstemmen. Een interventie die op het ene moment behulpzaam is, kan op een ander moment te veel zijn.

Goede traumabegeleiding gaat daarom ook over weten wanneer je verdiept, wanneer je vertraagt en wanneer eerst meer veiligheid en regulatie nodig zijn.

Wil je lichaamsgericht werken zelf ervaren?

Over lichaamsgericht hechtingswerk kun je veel lezen. Zelf ervaren maakt vaak duidelijker hoe lichaam, spanning, grenzen, bescherming en contact met elkaar samenhangen.

Bij Bellein Academie kun je op verschillende manieren kennismaken met onze manier van werken, zowel voor persoonlijke ontwikkeling als wanneer je je professioneel wilt verdiepen.

Bekijk de mogelijkheden om kennis te maken met Bellein Academie

Reactie plaatsen