masochistische-karakterstructuur-bellein-academie-lichaamsgericht-hechtingswerk
Opleiding lichaamsgericht hechtingstherapeut
Opleiding lichaamsgericht hechtingstherapeut
8 min

De masochistische karakterstructuur; volhouden, inslikken en de weg naar ruimte

8 min

De masochistische karakterstructuur

Draagkracht, inslikken en de prijs van braaf volhouden

In elke groep is er wel iemand die doorwerkt terwijl de rest al is afgehaakt. Degene die de zware dozen tilt, nog één mail wegwerkt terwijl het kantoor leegloopt, de kinderen naar sport brengt, het verjaardagsfeest organiseert en tussendoor ook nog luistert naar het verhaal van een vriendin. Opmerkingen als “op jou kunnen we tenminste rekenen” zijn zo vertrouwd geworden dat ze bijna voelen als onderdeel van de naam.

Kijk je van dichterbij, dan zie je een ander verhaal. De schouders staan gespannen, het lijf voelt vol en moe, er is weinig lucht in de dag. Binnenin borrelt er soms een stevige irritatie of boosheid, maar die wordt net zo hard naar beneden gedrukt als alle tranen en “nee’s” van vroeger. Het gevoel dat bij veel mensen met deze structuur op de voorgrond staat, is: ik moet nog door, anderen rekenen op mij, mijn grens is onderhandelbaar.

In de taal van de karakterstructuren noemen we dit de masochistische structuur. In recenter werk, zoals bij Steven Kessler, wordt hier vaak over gesproken als het enduring pattern: het patroon van uithouden, dragen, inslikken. Dit artikel gaat over hoe deze structuur ontstaat, hoe zij zich toont in lichaam en leven, welke kwaliteiten erin liggen en wat er nodig is om trouw te worden aan het innerlijke “genoeg” zonder jezelf kwijt te raken.


Waar gaat de masochistische structuur over?

De masochistische structuur hoort bij de fase waarin een kind zichzelf begint te uiten: lopen, praten, ontdekken, met kracht “nee” zeggen en “ik wil” roepen. In een gezonde ontwikkeling wordt die opkomende levenslust ontvangen én begrensd. Er is ruimte om boos te zijn, grenzen worden helder gezet, zonder dat het kind zich vernederd hoeft te voelen.

Wanneer een kind in deze fase herhaaldelijk wordt beschaamd, belachelijk gemaakt, strak gecontroleerd of emotioneel gechanteerd, ontstaat een ander patroon. Uitspraken als “doe normaal”, “stel je niet aan”, “nu doe je moeder pijn”, of een opgeheven vinger op momenten van spontane impulsen, hebben diepe impact. De boodschap die het kind in zijn lijf schrijft, is niet alleen: dit mag niet, maar vooral: ik ben verkeerd zoals ik mij uit.

De uitweg is dan om de impuls in te houden. Het kind leert dat het slimmer is om spanning naar binnen te trekken dan risico te lopen op beschaming, afwijzing of machteloosheid tegenover een volwassene. Het ontwikkelt een enorme remkracht op alles wat naar buiten wil: boosheid, plezier, seksualiteit, protest. Het lijf wordt de plek waar “teveel” wordt opgeslagen.

Langzamerhand ontstaat er een organisatie waarin iemand leert: ik ben veilig zolang ik me inhoud, zolang ik me aanpas, zolang ik mijn mond houd en gewoon doe wat er van me verwacht wordt. De prijs is dat de eigen grens en de eigen wil steeds verder naar de achtergrond schuiven.


Hoe vormt deze structuur zich in het lichaam?

In het lichaam van iemand met veel masochistische trekken zie je vaak een sterke, compacte bouw. Er is veel spierspanning aanwezig, vooral rond bekken, buik, billen en bovenbenen. Het lijf lijkt de wereld letterlijk tegen te houden. De energie stroomt wel, maar wordt als het ware samengedrukt en naar beneden gedrukt in plaats van vrij te mogen bewegen.

De romp kan iets naar voren gebogen zijn, hals en nek wat ingetrokken, het bekken naar achteren gekanteld. Het geeft een beeld van iemand die zich schrap zet, terwijl hij tegelijk doorgaat. De adem wordt vaak tegengehouden in keel of borst; zuchten is er, maar de ruimte om echt diep te ademen voelt niet vanzelfsprekend.

Dit lichaam draagt veel. Maag en darmen zijn bij deze structuur niet zelden gevoelig: alles wat moeilijk te verteren was – letterlijk en figuurlijk – is hier opgeslagen. Ook het gebied rond mond en kaak is belangrijk. Tanden op elkaar zetten, woorden inslikken, glimlachen terwijl je van binnen kookt: het zijn bekende routes.


De innerlijke wereld: loyaliteit, schaamte en ingehouden woede

Van binnen wordt de masochistische structuur gedomineerd door plichtsgevoel, loyaliteit en een harde innerlijke criticus. “Niet zeuren, gewoon door,” “anderen hebben het zwaarder,” “ik moet niet zo moeilijk doen” zijn typische zinnen. Grenzen aangeven roept schaamte op, stoppen voelt als falen.

Tegelijk is er een krachtige onderstroom van boosheid en verzet. Die mag vaak niet direct naar buiten. Het zenuwstelsel heeft geleerd dat openlijk protest gevaarlijk is: er volgt dan straf, sarcasme, manipulatie of liefdesonthouding. De boosheid zoekt daarom andere kanalen: mopperen, klagen zonder iets te veranderen, passieve sabotage (“vergeten”, uitstellen), een zwaar gevoel waarvan de omgeving niet helemaal begrijpt waar het vandaan komt.

Dit alles maakt dat iemand met deze structuur zichzelf vaak in de weg gaat zitten. Er is een groot verlangen naar vrijheid en ruimte, maar bij elke stap richting meer autonomie komt een golf van schuld, schaamte en angst naar boven. De weg van binnen voelt als: ik zou willen, maar ik mag niet, ik zal wel moeten, straks laten ze me vallen als ik voor mezelf kies.


In het dagelijks leven: altijd nog iets meer dragen

In het dagelijkse leven is de masochistische structuur goed te herkennen aan patronen van over-verantwoordelijkheid en doorschuiven van het eigen belang.

Je blijft op het werk nog wat langer om een collega te helpen, terwijl je eigenlijk al de hele week te lang doorwerkt. Thuis doe je nog de was, regel je de schoolspullen, luister je naar je partner, terwijl je lijf al uren schreeuwt om rust. De gedachte dat iemand anders teleurgesteld raakt of last krijgt als jij stopt, weegt zwaarder dan de signalen uit je lichaam.

Nee zeggen lukt pas als je echt niet meer kunt, en dan vaak met veel innerlijke spanning. Soms volgt er dan een uitbarsting die je zelf ook niet prettig vindt: je wordt ineens kortaf, barst in tranen uit of snauwt op een manier die niet past bij hoe je jezelf kent. Daarna komt alweer de schaamte en de neiging om het goed te maken, waardoor de cirkel zich herhaalt.

In relaties speelt loyaliteit een grote rol. Je blijft vaak langer dan goed voor je is, in vriendschappen, in werkrelaties, in partnerrelaties. Je slikt de ene teleurstelling na de andere in, vertelt jezelf dat het “nu eenmaal zo is”, en richt je op alles wat wél goed gaat. Tot het moment dat het lichaam niet meer meewerkt: spanningsklachten, hoofd- en buikpijn, seksuele problemen, of simpelweg een gevoel van verdrinking in verplichtingen.


Wat ligt eronder? Het verlangen naar ruimte om jezelf te mogen zijn

Onder de masochistische structuur ligt een heel levendig en krachtig deel dat ooit zijn plek niet mocht innemen. Een kind dat zichzelf voluit liet zien, werd teruggefloten of beschaamd. De logische reactie was om de expressie in te slikken, maar de kern is niet verdwenen. Die wacht, vaak al jaren, op een situatie waarin er wél ruimte is.

Het diepe verlangen is niet om iedereen te laten vallen en nooit meer rekening te houden met anderen. Het gaat eerder om ervaren dat je binnen verbondenheid ook mag voelen: dit is mijn grens, hier stop ik, hier kies ik voor mijzelf. De pijn zit in het dubbele: je wilt loyaal zijn én jezelf niet verloochenen, je wilt trouw zijn én vrij kunnen ademen.

Zolang dat innerlijke verlangen geen woorden krijgt, blijft het werken als een soort ondergrondse druk. Hoe meer je je aanpast, hoe groter de spanning van binnen. Het lichaam zegt “genoeg”, terwijl de bovenlaag blijft roepen “nog één ding, daarna wordt het rustiger”. Die belofte komt zelden uit.


De kwaliteiten van de masochistische structuur

Wanneer de masochistische structuur meer in balans raakt, wordt duidelijk hoeveel kwaliteiten hier verscholen liggen. Mensen met deze structuur zijn vaak ongelooflijk loyaal en betrouwbaar. Ze zien wat er gedaan moet worden, hebben oog voor de last van anderen en zijn bereid om door te zetten waar anderen al afgehaakt zijn.

In zorgende beroepen, in onderwijs, in organisaties die draaien op mensen die achter de schermen heel veel dragen, kom je hen voortdurend tegen. Hun vermogen om spanning te verdragen kan een groot geschenk zijn, mits het niet langer ten koste gaat van zichzelf. Ze begrijpen als geen ander wat het is om “vol” te zitten en toch verder te moeten.

Daarnaast schuilt er in deze structuur een enorme levenslust en sensualiteit. Doordat die eerder afgekneld is, voelt het vaak spannend om die kant ruimte te geven. Wanneer dat toch stap voor stap lukt, ontstaat een bijzonder mengsel van diepgang, humor en lichaamsplezier. De kracht die vroeger werd gebruikt om alles tegen te houden, komt dan vrij voor creatie, betrokkenheid en passie.


Heling: van inslikken naar eerlijke begrenzing

Werken met de masochistische structuur vraagt om veel respect voor de oude loyaliteit. Het helpt niet om iemand simpelweg te zeggen dat hij “meer voor zichzelf moet kiezen” of “gewoon moet stoppen met pleasen”. Dat raakt vaak direct aan schaamte en roept innerlijke tegenkracht op.

In lichaamsgericht werk ligt de focus op het herkennen van de plekken waar spanning vasthoudt wat ooit niet naar buiten mocht. Oefeningen kunnen helpen om druk en last te voelen zonder direct te hoeven ontploffen of dicht te slaan. Trillen, zuchten, geluid maken, bewegingen waarin bekken en benen mee mogen doen: het zijn manieren om het lijf te laten ervaren dat spanning niet eeuwig opgesloten hoeft te blijven.

Parallel daaraan wordt op relationeel niveau geoefend met kleine, concrete grenzen. Eerst in de veilige context van therapie: aangeven dat iets te veel is, dat een tempo niet past, dat een aanraking niet prettig voelt of juist wél gewenst is. Daarna ook buiten de therapiekamer, in alledaagse situaties. De ervaring dat de wereld niet instort als jij “nee” zegt, dat mensen soms juist meer respect krijgen, werkt recht in het oude patroon.

Een cruciaal stuk is het leren verdragen van schuldgevoel zonder direct terug te gaan in aanpassing. Dat betekent merken: ik voel me nu schuldig, ik heb de neiging om het terug te draaien, en toch blijf ik bij mijn besluit. Op zulke momenten wordt zichtbaar dat schuld niet altijd betekent dat je werkelijk iets fout doet; soms is het simpelweg het zenuwstelsel dat moet wennen aan een nieuwe beweging.


Lichaamsgerichte hechtingstherapie en de masochistische structuur

Binnen lichaamsgerichte hechtingstherapie wordt de masochistische structuur gezien als een hechtingsverwonding rond autonomie en waardigheid. Het kind dat klein werd gemaakt of verantwoordelijk werd gehouden voor het welzijn van de volwassene, heeft zijn eigen kracht tegen zichzelf gekeerd om de relatie te kunnen behouden.

In therapie wordt die oude dynamiek zichtbaar in het contact tussen cliënt en therapeut. De neiging om het de therapeut naar de zin te maken, om braaf te zijn, om door te gaan terwijl het eigenlijk te veel is, komt vroeg of laat naar boven. Precies daar ligt het werk.

De therapeut blijft alert op signalen van inslikken en “op slot gaan” in het lichaam, nodigt uit tot eerlijkheid over irritatie, frustratie en vermoeidheid, en blijft aanwezig wanneer deze gevoelens worden uitgesproken. Dat biedt een nieuwe ervaring: iemand hoort jouw “genoeg” en blijft, zonder te bestraffen of te beschamen.

Door het lichaam stap voor stap meer ruimte te geven, spanning te ontladen en bewegingen toe te laten die eerder verboden waren, kan de oude kracht weer in dienst komen van het huidige leven. De draagkracht blijft, maar wordt selectiever ingezet. Grenzen worden geen egoïstische luxe, maar een vorm van waarheid in contact.


Vooruitblik

In dit artikel stond de masochistische karakterstructuur centraal: het patroon van doorzetten, dragen en inslikken, met onder de buitenkant van loyaliteit en kracht een wereld aan ingehouden impulsen en verlangens.

In het volgende artikel richten we ons op de rigide structuur: de beweging waarin vorm, controle, “het goed doen” en schoonheid een centrale plaats krijgen. Daarin spelen thema’s als hart tegenover ideaalbeeld, verlangen tegenover beheersing en de zoektocht naar waardigheid zonder pantser van perfectie.

Categorieën