Waarom voelt ruzie meteen als verlies van liefde? Bellein Academie
Opleiding lichaamsgericht hechtingstherapeut
Opleiding lichaamsgericht hechtingstherapeut
8 min

Waarom voelt ruzie meteen als verlies van liefde?

8 min

Er zijn mensen die bij spanning in een relatie veel sneller ontregeld raken dan ze zelf begrijpen. Een korte stilte, een andere toon, een misverstand, ruzie, en vanbinnen gebeurt er iets dat groter voelt dan de situatie zelf. De warmte lijkt weg te vallen. Het contact voelt onzeker. De liefde lijkt niet meer vanzelfsprekend.

In de psychologie wordt hiervoor vaak de term rupture & repair gebruikt. Rupture betekent dat er een breukje ontstaat in het contact. Dat kan klein zijn: iemand kijkt weg, reageert kort, zegt iets onhandigs of trekt zich even terug. Repair is het herstel daarna: terugkomen, uitleg geven, opnieuw afstemmen, sorry zeggen, elkaar weer vinden.

In gezonde relaties horen die kleine breukjes erbij. Niemand is voortdurend afgestemd. Mensen missen elkaar soms, raken geïrriteerd, begrijpen elkaar verkeerd of hebben tijd nodig om iets te verwerken. Het verschil zit meestal niet in het feit dát er spanning ontstaat, maar in wat er daarna gebeurt. Komt er herstel? Wordt er opnieuw contact gemaakt? Is er ruimte om te zeggen: “Dat liep niet fijn, maar ik ben er nog”?

Voor iemand die dat herstel vroeger nauwelijks heeft meegemaakt, kan een klein breukje voelen als een groot verlies.

Als onrust vroeger betekende dat de liefde verdween

Een cliënt in mijn praktijk vertelde hoe ze in haar relatie volledig kon vastlopen zodra er spanning ontstond. Zo ook deze keer. Ze hadden woorden gehad. De volgende dag zei haar partner: “Ik heb even ruimte nodig, ik wil hier later op terugkomen.” Voor hem betekende dat waarschijnlijk: ik ben vol, ik wil het zorgvuldig doen, ik kom straks terug. Voor haar voelde het alsof de deur dichtging.

Ze wist met haar hoofd dat hij haar niet zomaar verliet. Ze kon zelfs uitleggen dat hij tijd nodig had om tot zichzelf te komen. Toch gebeurde er in haar systeem iets anders. Alles in haar ging zich richten op hem. Zijn toon. Zijn gezicht. Zijn woorden. De snelheid waarmee hij antwoordde. De lengte van zijn bericht. Of er nog een hartje stond. Of hij nog hetzelfde klonk.

Ze was niet meer bij zichzelf. Ze was bij hem.

Tijdens een sessie zei ze: “Als het niet warm voelt, voelt het meteen koud. En als het eenmaal koud is, komt het nooit meer terug. Dan is het voorgoed verloren, dan is het voorgoed kwijt.”

Die zin raakte precies de kern.

In haar jeugd was onrust nooit zomaar onrust geweest. Wanneer er thuis spanning kwam, verdween de warmte. Er werd gezwegen, gemeden, hard gedaan of gedaan alsof er niets was gebeurd, terwijl de sfeer in huis kil bleef hangen. Er kwam geen rustig herstel. Geen ouder die later naast haar kwam zitten en zei: “Het was even moeilijk, maar ik ben er nog.” Geen uitleg, geen toenadering, geen geruststelling, geen liefde.

Ze werd aan haar lot overgelaten.

Als kind moest ze maar afwachten wanneer er weer iets van warmte kwam. Misschien draaide de sfeer na een paar uur bij. Misschien na een dag. Misschien pas wanneer zij zich had aangepast, stil was geworden of weer “lief” deed. Liefde voelde daardoor niet als iets dat bleef bestaan tijdens spanning. Liefde voelde als iets dat kon verdwijnen.

Zo ontstaat er een innerlijke wet: als er onrust is, raak ik de liefde kwijt.

Die wet kan later in volwassen relaties opnieuw actief worden. Een korte pauze voelt dan als afwijzing. Een neutrale toon klinkt als kilte. Een partner die ruimte nodig heeft, voelt als iemand die zich terugtrekt uit de liefde.

Dit wordt ook wel hechtingsalarm of verlatingsactivatie genoemd. Het systeem interpreteert afstand, onduidelijkheid of spanning als gevaar. Het lichaam en de aandacht gaan in de stand: herstel dit, nu, anders ben je alleen.

Waarom zij niet vertrouwt op herstel

Het lastige van rupture & repair is dat mijn cliënt vooral de rupture kende. De breuk. De kou. Het wegvallen van contact. De repair-fase had ze bijna niet leren vertrouwen.

Daardoor zat er iets fatalistisch in haar beleving. Als het nu koud voelt, blijft het misschien koud. Als hij zich nu terugtrekt, komt hij misschien niet meer terug. Als de liefde nu onvoelbaar is, moet zij maar afwachten of die ooit weer beschikbaar wordt.

Voor iemand met een veiligere hechtingsbasis klinkt dat misschien zwaar. Die kan denken: we hebben even ruzie, straks praten we verder. Of: hij is geïrriteerd, maar dat betekent niet dat hij niet van me houdt. Voor mijn cliënt was dat innerlijk weten er niet. Zij kende geen vanzelfsprekend bruggetje tussen spanning en herstel. Zij kende vooral het open einde.

Daarom probeerde ze het herstel naar zich toe te trekken. Ze wilde praten, uitleggen, checken, opnieuw verbinden. Het gesprek moest niet alleen helderheid geven, het moest de temperatuur van de relatie weer omhoog brengen. Zijn stem moest weer warm klinken. Zijn ogen moesten weer zacht worden. Er moest een teken komen dat de liefde er nog was.

Dat verlangen is heel begrijpelijk. Het is geen aanstellerij en geen zwakte. Het is een oud systeem dat veiligheid zoekt.

Tegelijk kan precies die beweging de relatie onder druk zetten. Want als de ander juist ruimte nodig heeft om tot zichzelf te komen, kan haar drang tot herstel voelen als aandringen. Dan ontstaat er een bekende dans: de één zoekt nabijheid om te reguleren, de ander zoekt afstand om te reguleren. De één denkt: als we nu praten, komt het goed. De ander denkt: als ik nu moet praten, raak ik mezelf kwijt.

Die dans wordt in de psychologie soms de anxious-avoidant dans genoemd. De ene kant zoekt verbinding bij spanning, de andere kant zoekt autonomie of rust. Beide reacties kunnen voortkomen uit bescherming, maar ze voelen voor de ander precies verkeerd.

Wanneer je de ander gaat lezen vanuit je eigen alarm

Op het moment dat haar alarm aanging, verloor mijn cliënt het contact met zichzelf. Ze voelde niet meer goed: ik ben bang, ik ben geraakt, ik verlang naar geruststelling, mijn oude pijn staat aan. Haar aandacht schoot naar hem toe.

  • Hoe bedoelt hij dit?
  • Waarom zegt hij het zo?
  • Is hij afstandelijk?
  • Is hij al weg?

Zonder dat ze het doorhad, werd hij de thermometer van haar veiligheid. Als hij warm klonk, kon zij weer zakken. Als hij vlak klonk, ging haar alarm omhoog. Haar eigen binnenwereld werd afhankelijk van zijn signalen.

Daar ontstaat vaak projectie.

Projectie betekent in dit geval dat wat iemand vanbinnen beleeft, over de ander heen wordt gelegd. Mijn cliënt voelde verlies van liefde, kilte en dreiging in zichzelf, en begon die vervolgens te horen in zijn woorden. Een korte zin werd afwijzing. Een pauze werd verlaten worden. Een neutrale reactie werd bewijs dat hij koud was.

Hij zei misschien: “Ik heb even tijd nodig.”

Haar oude systeem hoorde: “Ik wil jou niet meer dichtbij.”

Hij was misschien moe, vol of overprikkeld.

Zij las: “De liefde is weg.

Dat betekent niet dat zij zomaar iets verzon. Haar gevoel was werkelijk. Haar paniek was werkelijk. Alleen reageerde zij niet alleen op het heden. Ze reageerde op het heden plus de oude geschiedenis die in haar waarneming werd meegelezen.

In lichaamsgericht hechtingswerk is dat een belangrijk onderscheid. Wat gebeurt er werkelijk tussen twee mensen, en wat wordt er in iemand geraakt? Welke waarneming klopt met het moment, en welk deel hoort de oude kilte opnieuw?

Zolang alle aandacht naar de ander gaat, wordt dat onderscheid moeilijk. Dan lijkt het alsof de ander de enige ingang is naar veiligheid. Terwijl de eerste beweging juist is: terug naar jezelf. Wat gebeurt er in mij terwijl ik hem probeer te lezen?

Van angst naar beschuldiging

Wanneer de spanning verder oploopt, kan angst een hardere buitenkant krijgen. Dan kan iemand gaan beschuldigen, controleren, aandringen of verwijten maken. Mijn cliënt kon dan zeggen: “Jij doet koud.” Of: “Zie je wel, je trekt je terug.” Of: “Je laat me gewoon zitten.

Dat was niet haar diepste waarheid. Het was de vorm die haar paniek kreeg.

In de taal van het lichaamsgerichte hechtingswerk zou je kunnen zeggen dat het lagere zelf dan actief wordt. Daarmee bedoelen we niet dat iemand slecht is. Het lagere zelf is het deel dat vanuit oude pijn gaat trekken, duwen, aanvallen, controleren of vasthouden. Het probeert iets te beschermen, maar doet dat op een manier die vaak juist meer afstand oproept.

Onder de beschuldiging lag iets veel kwetsbaarders.

Ik ben bang dat ik je kwijt ben.”

Ik ken dit gevoel en ik weet niet hoe ik hier alleen in moet blijven.

Ik vertrouw nog niet dat jij terugkomt.”

Wanneer iemand vanuit die laag kan spreken, verandert het contact. De ander hoeft zich minder te verdedigen, omdat er geen aanval komt. Er komt een waarheid. Niet: jij bent kil. Wel: ik merk dat ik jouw afstand meteen beleef als verlies van liefde, en ik probeer te leren om daar niet direct een conclusie van te maken.

Dat vraagt volwassenheid. Niet omdat de angst dan weg is, maar omdat iemand verantwoordelijkheid neemt voor wat er in zichzelf wordt geraakt.

Waarom anderen dit heel anders kunnen beleven

Mensen die in hun jeugd vaker hebben ervaren dat liefde blijft bestaan tijdens spanning, beleven een breukje in contact meestal anders. Zij kunnen boos zijn en toch verbonden blijven. Zij kunnen even afstand nemen zonder innerlijk afscheid te nemen. Zij kunnen denken: we zitten niet lekker, maar we komen hier wel doorheen.

De bedding blijft voelbaar.

Dat betekent niet dat zij beter liefhebben of nooit geraakt worden. Zij hebben alleen vaker ervaren dat spanning gevolgd kan worden door herstel. Hun systeem kent de route terug. Daardoor voelt een rupture niet als een definitief verlies, maar als een tijdelijk moment in contact.

Voor iemand zoals mijn cliënt is dat nieuwe taal. Liefde kan blijven terwijl het schuurt. Contact kan haperen zonder dat de verbinding verdwijnt. Een pauze kan een pauze zijn, geen afscheid.

Maar een zin als “onrust is geen verlies” kan voor haar systeem te groot zijn. Dan ontstaat er kortsluiting. Haar hoofd begrijpt het misschien, maar haar gevoel protesteert: zo heb ik het nooit gekend.

Daarom werken mildere tussenzinnen vaak beter:

Dit voelt als verlies, maar het is nog geen bewijs.”

Mijn oude alarm staat aan.”

We zijn even uit contact, en we kunnen terugkomen.”

Die zinnen doen twee dingen tegelijk. Ze nemen haar ervaring serieus en ze voorkomen dat de oude conclusie meteen de waarheid wordt.

De oefening: eerst terug naar jezelf

De nieuwe beweging is niet dat zij nooit meer contact mag zoeken. Herstel in contact is belangrijk. Mensen hebben elkaar nodig. Alleen komt er een volgorde bij.

  1. Eerst terug naar zichzelf
  2. Daarna pas naar de ander.

In de praktijk betekent dat dat ze leert opmerken: mijn alarm staat aan, ik wil nu trekken, ik wil nu zekerheid, ik wil nu warmte. Ze hoeft dat niet weg te duwen. Ze hoeft er ook niet direct naar te handelen. Ze leert het herkennen als oud alarm.

Soms kan ze wachten tot de golf iets zakt. Soms kan ze een klein verzoek doen, zonder druk: “Ik merk dat mijn alarm aangaat. Kunnen we later vandaag tien minuten afstemmen?” Dat is anders dan een groot gesprek afdwingen om onmiddellijk gerustgesteld te worden. Het is een volwassen verzoek om voorspelbaarheid.

Daar zit ook de heling: ze leert dat ze niet hoeft te beschuldigen om nabijheid te krijgen, niet hoeft te controleren om veiligheid te voelen, en niet zichzelf hoeft te verlaten om de ander terug te halen.

De heling zit in het terugkomen

Rupture & repair is zo belangrijk omdat het systeem leert door ervaring. Niet door één inzicht, maar door herhaling. Iedere keer dat er spanning ontstaat en er daarna werkelijk herstel komt, krijgt het oude alarm nieuw bewijs.

Er kan onrust zijn.

Er kan afstand zijn.

Er kan een moment zijn waarop de warmte minder voelbaar is.

En toch kan de verbinding terugkomen.

Voor iemand met deze geschiedenis is dat geen klein leerproces. Het is een verandering in de diepste relatieverwachting. De oude wet was: als het schuurt, raak ik de liefde kwijt. De nieuwe ervaring wordt langzaam: als het schuurt, kan er herstel komen.

Lichaamsgericht hechtingswerk

Bij de Bellein Academie werken we met dit soort patronen via hechting, bewustwording en lichaamsgericht werk. Oude bescherming leeft niet alleen in gedachten, maar ook in automatische reacties in contact. In onze workshops, introductieweekenden, tweejarige training en beroepsopleiding leer je herkennen hoe je jezelf kwijtraakt, hoe projectie ontstaat, hoe het masker werkt, het lagere zelf actief wordt en hoe herstel mogelijk wordt zonder jezelf of de ander kwijt te raken.

Want uiteindelijk gaat het bij rupture & repair niet om perfecte liefde. Het gaat om liefde die kan terugkomen nadat het even moeilijk was.

Er is spanning.

Mijn alarm gaat aan.

Ik hoef mijn oude conclusie niet meteen te geloven.

Ik kan terugkeren naar mezelf.

En wij kunnen terugkomen naar elkaar.


Bekijk hier onze agenda voor workshops en themadagen.

Reacties
Categorieën