Wat is het musculoskeletale lichaam? | Bellein Academie

Wat is het musculoskeletale lichaam en waarom is het relevant bij lichaamsgericht hechtingswerk?

Je lichaam heeft een vorm. Het draagt gewicht, houdt je overeind, maakt beweging mogelijk en geeft je de fysieke mogelijkheid om te naderen, af te weren, vast te houden, los te laten, te steunen en ruimte in te nemen.

Daarin speelt het musculoskeletale systeem een centrale rol. Dit systeem bestaat onder andere uit botten, gewrichten, spieren, pezen en banden. In gewone taal spreken we vaak over het bewegingsapparaat.

Binnen lichaamsgericht hechtingswerk is juist deze fysieke organisatie interessant. Want hoe iemand zich in contact beweegt, kracht gebruikt of zichzelf ondersteunt, kan veel toevoegen aan wat iemand al over zichzelf weet. Hoe je weet waar je lichaam zich bevindt, hoeveel kracht je gebruikt en hoe je beweegt, hangt samen met proprioceptie.

Een lichaam doet meer dan voelen

Binnen lichaamsgericht werken gaat veel aandacht naar lichamelijke sensaties: druk, warmte, spanning, hartslag, ademhaling.

Het musculoskeletale lichaam brengt een andere laag in beeld. Het laat zien wat iemand doet. Het kunnen opmerken van zulke veranderingen maakt deel uit van lichaamsbewustzijn.

Iemand zet zijn voeten stevig neer of nauwelijks. Een knie valt meer naar binnen. De spieren in de keel staan heel gespannen. Het middenrif is sterk opgetrokken en vervormt daarmee de ribbenkas.  

Dat zijn geen diagnoses. Het zijn bewegingen die onderzocht kunnen worden. Juist die beweging kan soms iets laten zien wat iemand zelf nog niet onder woorden heeft gebracht.

Hoe houd je jezelf overeind?

Een interessante vraag binnen lichaamsgericht werk is letterlijk:

Hoe draag jij jezelf?

Sommige mensen organiseren hun lichaam voortdurend met veel spierkracht. Ze zetten zich schrap, houden zich recht en blijven ook tijdens spanning sterk georganiseerd. Bij anderen zakt de fysieke steun juist gemakkelijk weg. De schouders vallen naar voren, de romp verliest stevigheid of de benen lijken minder beschikbaar zodra er spanning ontstaat.

Dat hoeft op zichzelf niets psychologisch te betekenen. Lichamen verschillen. Pijn, bouw, conditie, werk, sport en eerdere blessures spelen eveneens een rol. Wanneer een bepaalde lichamelijke organisatie echter steeds opnieuw verschijnt op betekenisvolle momenten of blijvend is, wordt zij interessant om samen te onderzoeken.

Bijvoorbeeld wanneer iemand stevig en ontspannen zit zolang het gesprek over werk gaat, maar zichtbaar inzakt zodra het over afhankelijk zijn van een ander gaat. Dan is niet de ingezakte houding het verhaal.

Het verschil is interessant.

Beweging laat richting zien

Spieren en gewrichten maken het mogelijk om ergens naartoe te bewegen of juist afstand te nemen. Dat klinkt vanzelfsprekend. In therapie is het vaak verrassend hoeveel informatie juist daarin zit.

  1. Wil iemand een stap naar voren zetten?
  2. Wat gebeurt er wanneer iemand daadwerkelijk achteruit beweegt?
  3. Hoe voelt het om een arm uit te strekken en afstand te maken?
  4. Kan iemand kracht zetten zonder meteen harder te worden?
  5. Wil het lichaam iets naar zich toe halen en het daarna ook weer loslaten?

Daarin kan zichtbaar worden welke bewegingen vanzelfsprekend voelen en welke nauwelijks beschikbaar lijken.

Iemand kan bijvoorbeeld uitstekend voor anderen zorgen, terwijl een beweging naar zichzelf toe ongemakkelijk voelt. Een ander kan gemakkelijk afstand nemen, terwijl toenadering onmiddellijk veel spanning oproept.

Het lichaam maakt zo concreet wat in relaties soms abstract blijft.

Spieren zijn ook betrokken bij bescherming

Wanneer iets spannend, bedreigend of onzeker voelt, bereidt het lichaam zich voor op handelen. Spieren kunnen aanspannen. De romp kan steviger worden. De kaken kunnen vastzetten. Armen kunnen dichter tegen het lichaam komen. Beweging kan versnellen of juist sterk verminderen.

Soms verdwijnt die organisatie weer zodra de situatie voorbij is. Soms wordt een bepaalde manier van lichamelijk reageren heel vertrouwd. Dan kan iemand jarenlang ervaren: zo ben ik nu eenmaal, terwijl een deel van wat als persoonlijkheid wordt ervaren ook samenhangt met een zeer bekende manier van het lichaam gebruiken.

In lichaamsgerichte psychotherapie wordt daarom vaak gekeken naar spiertonus: de mate van activiteit die in spieren aanwezig is. Veel tonus kan helpen om kracht, controle of bescherming te organiseren. Weinig beschikbare tonus kan samengaan met moeite om letterlijk kracht te zetten. De betekenis daarvan verschilt per persoon en per situatie.

Het skelet verdient minstens zoveel aandacht als de spieren

Bij lichaamsgericht werk gaat de aandacht gemakkelijk naar spanning in spieren. Het skelet speelt echter een minstens zo belangrijke rol. Botten geven structuur. Gewrichten maken beweging mogelijk. De zwaartekracht wordt via het skelet naar de grond geleid. Daardoor kan iemand ontdekken dat stevigheid niet uitsluitend ontstaat door spieren harder aan te spannen. Je kunt jezelf ook laten dragen.

Voeten kunnen gewicht overbrengen naar de vloer. De bekkenstructuur kan steun geven aan de romp. De wervelkolom biedt een dragende as. Voor iemand die gewend is alles met spierkracht overeind te houden, kan dat een wezenlijk verschil zijn. Minder doen kan dan letterlijk meer steun opleveren.

Dat is een interessant gegeven binnen lichaamsgericht hechtingswerk. Steun hoeft immers niet altijd te betekenen dat iemand anders jou vasthoudt. Er bestaat ook een fysieke ervaring van gedragen worden door je eigen lichaamsstructuur en door de ondergrond waarop je staat.

Wat heeft dit met hechting te maken?

Hechting wordt vaak besproken in woorden als nabijheid, vertrouwen, autonomie en afhankelijkheid. In het lichaam krijgen die begrippen een fysieke vorm.

Naderen vraagt beweging naar voren. Afstand nemen vraagt beweging weg van iets of iemand. Een grens stellen vraagt soms kracht. Ontvangen vraagt dat er ergens minder wordt vastgehouden. Leunen vraagt vertrouwen dat er steun aanwezig is. Daarom kan het musculoskeletale lichaam binnen lichaamsgericht hechtingswerk een ingang zijn naar relationele thema's.

  • Iemand kan bijvoorbeeld zeggen dat hulp ontvangen geen probleem is en tegelijkertijd merken dat het lichaam zich onmiddellijk aanspant zodra een ander daadwerkelijk iets overneemt.
  • Een ander weet heel goed dat grenzen belangrijk zijn, maar ontdekt tijdens een eenvoudige beweging dat duwen bijna onmogelijk voelt.

Zo ontstaat informatie die niet uit een vragenlijst komt. Het wordt ter plekke ervaren.

Van begrijpen naar ervaren

Veel mensen begrijpen hun eigen patronen behoorlijk goed. Ze weten waarom ze pleasen. Ze herkennen hun angst voor afwijzing. Ze weten dat ze vaker een grens zouden willen stellen. Dat inzicht verandert nog niet automatisch hoe het lichaam reageert. Daar ligt een belangrijke functie van lichaamsgericht hechtingswerk.

Wanneer iemand een beweging daadwerkelijk uitvoert, kan diegene ervaren waar kracht beschikbaar is, waar beweging stopt, hoeveel inspanning nodig is en wat er gebeurt zodra een andere mogelijkheid wordt geprobeerd.

Daarmee wordt een psychologisch thema concreet.

  • Een grens wordt een arm die werkelijk naar voren komt.
  • Ruimte innemen wordt voelen hoeveel plek het lichaam inneemt.
  • Steun wordt ervaren hoeveel gewicht de grond daadwerkelijk kan dragen.
  • Terugtrekken wordt merken wat er gebeurt wanneer het lichaam een stap achteruit zet.

Daarmee komt verandering dichter bij de ervaring zelf.

Het lichaam vertelt geen kant-en-klaar verhaal

Binnen Bellein Academie gebruiken we het musculoskeletale lichaam daarom als bron van informatie, nooit als een soort woordenboek waarin iedere houding één vaste betekenis heeft.

  • Een gespannen kaak betekent niet automatisch ingehouden boosheid.
  • Een ronde rug vertelt niet vanzelf iets over iemands jeugd.
  • Een stijve houding bewijst geen bepaald karakterpatroon.

We kijken naar wat er gebeurt, wanneer het gebeurt en hoe iemand het zelf ervaart.

Juist daardoor kan het musculoskeletale lichaam veel toevoegen. Het maakt zichtbaar hoeveel kracht iemand gebruikt, waar steun wordt gezocht, welke beweging gemakkelijk beschikbaar is en waar het lichaam iets anders doet dan woorden suggereren.

En soms begint precies daar een nieuw inzicht.

Wil je het lichaamsgerichte hechtingswerk zelf aan den lijve ervaren? Kom dan naar onze kennismakingsworkshop. 

Reactie plaatsen