Waarom geeft succes soms zo weinig voldoening?
Karakter & bescherming
Karakter & bescherming
6 min

Waarom geeft succes soms zo weinig voldoening?

6 min

Soms voelt behaald succes leeg

De mail komt aan het einde van de middag. Het voorstel is goedgekeurd. De functie waar je maanden gesprekken voor hebt gevoerd is van jou. Of misschien gaat het om iets anders: een opleiding afgerond, een onderneming die eindelijk loopt, een huis gekocht, een groot project succesvol afgesloten.

Je hebt hier lang naartoe gewerkt. Je hebt keuzes gemaakt, dingen gelaten, doorgezet wanneer het tegenzat. Mensen feliciteren je en je bent oprecht blij.

Alleen minder blij dan je had verwacht.

Misschien duurt de euforie een avond. Misschien een paar dagen. Daarna staat de afwas weer op het aanrecht, begint de volgende werkweek en merk je dat je leven van binnen verrassend veel lijkt op het leven van vóór dat grote moment.

Dat kan een ongemakkelijke ervaring zijn. Zeker wanneer je lange tijd hebt gedacht: als dit lukt, dan ben ik er.

Een doel kan veel meer dragen dan alleen het doel zelf

Wie ergens jarenlang naartoe werkt, streeft zelden uitsluitend naar het concrete resultaat. Rond een doel vormt zich ongemerkt een heel psychologisch landschap.

Een volgende stap in je carrière kan gaan over interessant werk en een hoger salaris. Tegelijk kan die stap bevestigen dat je goed bent in wat je doet. Een succesvol eigen bedrijf kan vrijheid geven en ook bewijzen dat je het hebt kunnen waarmaken. Een diploma opent deuren en kan tegelijkertijd het einde betekenen van jarenlang twijfelen of je wel voldoende in huis had.

Daarmee krijgt een doel meer gewicht dan op papier zichtbaar is.

Het geeft richting aan je dagen. Het helpt keuzes maken. Het verdeelt de wereld tijdelijk in wat ertoe doet en wat kan wachten. Op moeilijke momenten bestaat er een reden om door te gaan. Zelfs spanning kan betekenis krijgen zolang je weet waarvoor je haar verdraagt.

Wanneer het doel vervolgens is bereikt, verdwijnt juist die organiserende werking.

Je hebt gekregen waar je naar verlangde en ontdekt tegelijkertijd dat het streven zelf een deel van je leven bij elkaar hield.

Niet ieder bereikt doel voedt hetzelfde

Binnen de zelfdeterminatietheorie maken onderzoekers onderscheid tussen verschillende soorten levensdoelen. Doelen rond persoonlijke ontwikkeling, betekenisvolle relaties, gezondheid en bijdragen aan anderen worden doorgaans als meer intrinsiek beschreven. Doelen rond status, rijkdom, aanzien en uiterlijk gelden als meer extrinsiek.

Dat onderscheid is minder moralistisch dan het op het eerste gezicht kan klinken. Geld, carrière en erkenning kunnen wezenlijk belangrijk zijn. Een prettige woning, financiële zekerheid of professionele waardering kunnen het leven daadwerkelijk verbeteren.

Onderzoek laat wel zien dat het voor welzijn uitmaakt welke doelen in iemands leven het zwaarst wegen. In een meta-analyse van 105 studies met ruim 70.000 deelnemers hing een sterkere oriëntatie op intrinsieke aspiraties samen met hoger welzijn. Wanneer extrinsieke doelen relatief dominant werden ten opzichte van intrinsieke doelen, was de samenhang met welzijn ongunstiger.

Daarmee ontstaat een interessantere vraag dan of ambitie goed of slecht voor je is.

Wat verwachtte je eigenlijk dat het bereiken van dit doel je van binnen zou geven?

Soms blijkt het antwoord veel groter dan het doel zelf.

Rust. Erkenning. Zelfvertrouwen. Vrijheid. Het gevoel dat je eindelijk voldoende hebt bewezen. De zekerheid dat anderen je serieus nemen. Toestemming om tevreden te zijn.

Een promotie kan veel geven. Zij kan alleen moeilijk alle psychologische opdrachten vervullen die onderweg aan die promotie zijn meegegeven.

Wanneer presteren ook iets over je waarde gaat zeggen

Er bestaat in de psychologie een begrip voor situaties waarin iemands gevoel van eigenwaarde relatief sterk verbonden raakt met succes of falen binnen een bepaald terrein: contingente zelfwaardering.

De precieze werking ervan is onderwerp van onderzoek en hangt af van context en persoon. Toch is de kern herkenbaar. Het gaat goed met mij wanneer ik voldoe aan een bepaalde maatstaf. Een goed resultaat voelt daardoor niet alleen prettig; het zegt ook iets over wie ik ben. Een tegenvaller raakt vervolgens meer dan het concrete resultaat.

Onderzoek naar prestatiegebonden zelfwaardering laat die dubbelheid zien. Zij kan samengaan met betrokkenheid en inzet, terwijl er tegelijkertijd meer spanning ontstaat doordat er bij een prestatie meer op het spel komt dan de taak zelf.

Voor iemand die lange tijd goed heeft gefunctioneerd, hoeft dat helemaal niet zichtbaar te zijn als een probleem. Integendeel. Dezelfde constructie kan bijdragen aan discipline, betrouwbaarheid en een indrukwekkend vermogen om dingen voor elkaar te krijgen.

Juist succes kan zichtbaar maken wat succes zelf al die tijd verborgen hield.

Want zodra het resultaat er is, volgt een vreemde ontdekking: de innerlijke zekerheid waarop je hoopte houdt zich niet noodzakelijk aan dezelfde planning als je carrière.

De kwaliteiten die je ver brengen, kunnen je leven ook vormgeven

Binnen lichaamsgerichte therapeutische tradities wordt onderzocht hoe bepaalde kwaliteiten en beschermingswijzen zich samen kunnen ontwikkelen. Iemand kan bijvoorbeeld zeer doelgericht, gedisciplineerd en competent zijn en gaandeweg sterk gewend raken aan vorm, controle en prestatie als manieren om zichzelf te organiseren.

Zo'n patroon is geen verklaring voor iedere ambitieuze persoon en evenmin een diagnose. Ambitie kan eenvoudig plezierig zijn. Competitie kan energie geven. Werk kan een oprechte bron van betekenis vormen.

De psychologisch relevante vraag ontstaat wanneer bereiken zo vanzelfsprekend is geworden dat stilstaan veel minder bekend terrein is.

Tijdens het streven weet je waar je aandacht heen moet. Je agenda vertelt wat belangrijk is. De volgende stap ligt al klaar. Er is spanning, inspanning en vaak ook een duidelijke lichamelijke mobilisatie: je concentreert je, versnelt, zet door, houdt nog even vol.

Na het bereiken valt een deel daarvan weg.

Dan kan vermoeidheid voelbaar worden die onderweg weinig ruimte kreeg. Iemand merkt dat hij eigenlijk nauwelijks zin heeft in de volgende stap. Er kan een soort vlakheid ontstaan, of juist onrust omdat er snel een nieuw doel nodig lijkt.

Het lichaam levert daarbij geen verborgen waarheid die simpelweg ontcijferd kan worden. Een zwaar gevoel na een intensief project kan even goed gewone uitputting zijn. Toch kan het zinvol zijn waar te nemen wat er verandert wanneer er even niets meer te bevechten, verbeteren of bereiken valt.

Misschien was je onderweg steeds op weg naar later

Doelgerichtheid heeft een merkwaardige tijdsstructuur. Veel betekenis wordt vooruitgeschoven.

  • Na deze drukke periode wordt het rustiger.
  • Wanneer ik deze functie heb, kan ik tevreden zijn.
  • Als dit project staat, ontstaat ruimte.
  • Wanneer de kinderen groter zijn, ga ik weer nadenken over wat ík eigenlijk wil.

Dat vooruitdenken is vaak volkomen functioneel. Volwassen levens bevatten nu eenmaal perioden waarin iets tijdelijk voorrang heeft.

De vraag wordt relevanter wanneer later steeds opnieuw opschuift.

Dan kan een mens jarenlang succesvol bezig zijn met het bouwen van een leven waarin hij op een dag hoopt te arriveren. Terwijl het leven zelf intussen allang gaande is.

Daar raakt de vraag naar succes aan een andere vraag die Bellein in het artikel Waarom weet ik niet wat ik zelf wil? vanuit een andere invalshoek onderzoekt. Weten wat je wilt is complexer dan goede doelen kunnen formuleren. Een doel kan rationeel kloppen, sociaal gewaardeerd worden en uitstekend bij je talenten passen, terwijl de vraag of het leven er werkelijk meer van jou door wordt nog openblijft.

De leegte na succes hoeft geen oordeel over je leven te zijn

Het is verleidelijk om van een tegenvallend gevoel onmiddellijk een grote conclusie te maken.

  • Dus dit werk past niet bij me.
  • Ik heb de verkeerde keuzes gemaakt.
  • Ik moet radicaal iets anders.

Ook dat gaat te snel.

Een bereikt doel kan simpelweg minder spectaculair voelen dan de lange aanloop deed vermoeden. Er kan vermoeidheid meespelen. Na maanden van spanning is een periode van vlakheid weinig verwonderlijk. Een mooie baan blijft bovendien een mooie baan, ook wanneer hij niet alle existentiële vragen oplost.

De leegte wordt vooral waardevol wanneer je haar niet meteen hoeft weg te werken.

  • Wat verdween er toen het streven ophield?
  • Welke verwachtingen had je aan dit succes gekoppeld?
  • Wat geeft voldoening wanneer niemand het ziet, beoordeelt of bewondert?
  • Waar ervaar je betrokkenheid zonder dat er iets gewonnen hoeft te worden?

Binnen de zelfdeterminatietheorie spelen autonomie, competentie en verbondenheid een centrale rol bij motivatie en welzijn. De gedachte daarachter is relevant voor deze levensfase: een mens kan buitengewoon competent zijn en toch merken dat competentie alleen geen volledig antwoord geeft op de vraag waardoor een leven als eigen en betekenisvol wordt ervaren.

Van de volgende prestatie naar de ervaring die eronder ligt

Voor mensen die gewend zijn zichzelf via denken en doen voort te bewegen, kan deze vraag verrassend lastig zijn.

Een nieuw doel formuleren gaat vaak sneller dan voelen wat er werkelijk ontbreekt.

Juist daar krijgt lichaamsgericht hechtingswerk betekenis. Niet doordat het lichaam ergens kant-en-klare antwoorden bewaart, maar doordat ervaring meer informatie bevat dan de argumenten waarmee we keuzes gewoonlijk rechtvaardigen.

  • Wat gebeurt er wanneer je vertelt over het volgende doel dat je ‘eigenlijk zou moeten’ nastreven?
  • Komt er levendigheid, nieuwsgierigheid, spanning, vermoeidheid?
  • Verandert je adem wanneer je spreekt over iets dat niemand indrukwekkend zal vinden maar waar je zelf werkelijk naar verlangt?
  • Wat gebeurt er wanneer je je voorstelt dat er een tijdje geen volgende berg beklommen hoeft te worden?

Zulke waarnemingen bewijzen op zichzelf niets. Ze kunnen wel zichtbaar maken hoeveel van je leven georganiseerd wordt door bekende routes en waar er iets verandert wanneer je daar even vanaf wijkt.

Daarmee verschuift ook de vraag.

De eerste vraag luidde waarom succes zo weinig voldoening gaf.

Een interessantere vraag kan uiteindelijk zijn: wat verlangde ik dat dit succes mij zou geven, en waar in mijn leven kan dat eigenlijk ontstaan?

Dat antwoord hoeft je ambitie niet kleiner te maken. Misschien wordt zij er juist preciezer van. Je kunt blijven bouwen, ondernemen, leren en streven. Alleen hoeft het volgende resultaat dan minder werk te verrichten voor je eigenwaarde, je identiteit of je gevoel dat je uiteindelijk ergens mag aankomen.

Misschien ontstaat daar een ander soort succes: een leven waarin wat je bereikt nog steeds belangrijk mag zijn, terwijl wat je ervaart onderweg eveneens gewicht krijgt.

Reacties
Categorieën