
Waarom word ik zo boos op mijn ouder wordende ouders?
Je moeder belt omdat ze een brief niet begrijpt. Er moet iets worden uitgezocht, een afspraak gemaakt en vervoer geregeld. Je agenda zit vol, maar je doet het. Ze wordt ouder en sommige dingen worden moeilijker. Natuurlijk help je.
Terwijl je bezig bent, zegt ze dat je tegenwoordig zo weinig tijd hebt. Even later merkt ze op dat je broer dit waarschijnlijk anders zou aanpakken. Je hoort aan je eigen stem dat er iets verandert. Je antwoord wordt korter en bij nog één opmerking en je bent veel bozer dan je zelf redelijk vindt.
Achteraf kun je je daar behoorlijk schuldig over voelen. Je weet dat je ouders kwetsbaarder worden. Je weet dat zij je soms nodig hebben. Waarom lukt het dan juist bij hen zo slecht om geduldig te blijven?
Waarschijnlijk omdat er in zulke momenten veel meer gebeurt dan het gesprek van vandaag.
Je zorgt voor je ouder en blijft tegelijkertijd hun kind
Ouder wordende ouders brengen een merkwaardige verschuiving in de verhouding teweeg. Misschien ben jij inmiddels degene die formulieren begrijpt, met artsen spreekt en overzicht houdt. Praktisch gezien draag je op sommige momenten meer verantwoordelijkheid dan je vader of moeder.
Toch blijft diezelfde vader degene die aan je vraagt of je wel goed hebt nagedacht. Je moeder kan nog altijd op precies die toon zeggen dat je weinig langskomt. Eén blik, zucht of opmerking kan genoeg zijn om een reactie op te roepen die bij een collega nauwelijks zou ontstaan.
Dat komt doordat een ouder-kindrelatie een lange geschiedenis heeft. Jullie hebben niet alleen dit gesprek met elkaar; duizenden eerdere gesprekken klinken als het ware mee. Je kent elkaars toon, verwachtingen en gevoeligheden vaak voordat je er bewust over hebt nagedacht.
Daarom kun je op je werk rustig een ingewikkeld conflict oplossen en bij je moeder ineens uitvoerig gaan verdedigen waarom je vanavond werkelijk niet kunt komen. Of kun je als ervaren leidinggevende naast je vader opeens weer het gevoel krijgen dat jij degene bent die zich moet aanpassen.
Je bent nog steeds dezelfde volwassen persoon. Alleen wordt in deze relatie gemakkelijker een vertrouwde positie geactiveerd.
Liefde maakt irritatie niet onmogelijk
Juist daar ontstaat vaak verwarring. Veel mensen vinden boosheid op hun ouder wordende ouders moeilijk te verdragen, omdat ze het gevoel hebben dat die boosheid iets zegt over hun liefde.
Binnen de familiewetenschappen bestaat hiervoor een bruikbaar begrip: intergenerationele ambivalentie. Daarmee wordt bedoeld dat er tussen generaties tegelijkertijd gevoelens, verlangens en verplichtingen kunnen bestaan die met elkaar schuren.
- Je kunt van je moeder houden en balen dat zij opnieuw belt.
- Je kunt je zorgen maken om je vader en woedend worden omdat hij iedere vorm van hulp afwijst.
- Je kunt dankbaar zijn voor veel van wat je van je ouders hebt gekregen en tegelijk geraakt worden door iets wat tussen jullie nooit goed is gekomen.
Die gevoelens hoeven niet tot één nette conclusie te worden teruggebracht. De zorg voor ouder wordende ouders is juist vaak emotioneel ingewikkeld omdat liefde, verantwoordelijkheid, vermoeidheid, schuld, weerstand en verdriet zich door elkaar kunnen bewegen.
Dat maakt de betere vraag minder snel: Waarom ben ik zo ongeduldig?
Interessanter wordt: Wat komt er in mijn ongeduld allemaal samen?
Oude familierollen worden verrassend gemakkelijk opnieuw actief
Vrijwel ieder gezin ontwikkelt in de loop van de jaren een bepaalde ordening. Misschien was jij degene die het overzicht hield. Degene die geen gedoe maakte. Degene die de sfeer aanvoelde en ruzie voorkwam. Of degene van wie eenvoudigweg werd verwacht dat hij het wel zou regelen.
Zo'n familierol verdwijnt niet automatisch wanneer je volwassen wordt.
Wanneer ouders meer hulp nodig krijgen, kan hij zelfs opnieuw aantrekkelijk worden. De vaardige regelaar gaat regelen. De vredestichter houdt broers en zussen bij elkaar. Degene die weinig vroeg, zegt opnieuw dat het allemaal wel gaat.
Bij sommige mensen speelde vroeger parentificatie: zij droegen als kind verantwoordelijkheden die eigenlijk te groot waren voor hun leeftijd. Voor hen kan zorgen voor een ouder later extra vanzelfsprekend voelen. Toch hoeft intensieve zorg voor een oude ouder op zichzelf niets over parentificatie te zeggen. Een volwassen kind kan heel bewust en liefdevol besluiten veel te dragen.
De belangrijkere vraag is hoeveel keuze je daarin ervaart.
Kun je bepalen wat je wilt geven? Of voelt het alsof er nauwelijks een andere mogelijkheid bestaat?
Daar ligt een wezenlijk verschil tussen zorg uit betrokkenheid en zorg die wordt voortgestuwd door een oude innerlijke opdracht.
Waarom boosheid soms zoveel groter wordt
Wanneer je vader voor de derde keer een afspraak afzegt die jij met moeite hebt geregeld, heb je een actuele reden om boos te zijn. Je tijd is verloren gegaan en de gevolgen komen opnieuw bij jou terecht.
Toch kan zo'n gebeurtenis extra hard raken wanneer jij vroeger ook degene was die zich vooral moest aanpassen.
De woede van vandaag kan dan meerdere tijden tegelijk bevatten. Dat betekent niet dat iedere heftige reactie terug naar de jeugd moet worden verklaard. Soms ben je eenvoudig moe. Misschien draag je te veel, helpt een broer nauwelijks mee of vraagt het organiseren van zorg veel meer van je dan anderen zien. Die werkelijkheid verdient evenveel aandacht.
De psychologische verdieping ontstaat juist wanneer beide kanten serieus genomen worden. Er gebeurt vandaag iets dat lastig is, en het gebeurt binnen een relatie waarin jij al tientallen jaren een bepaalde positie kent.
Boosheid kan in zo'n situatie informatie geven. Misschien is jouw tijd te vanzelfsprekend geworden. Misschien draag je verantwoordelijkheid die verdeeld zou moeten worden. Misschien accepteer je gedrag van je ouder dat je van niemand anders zou accepteren.
Binnen de psychologie wordt het vermogen om verbonden te blijven en tegelijk je eigen positie te behouden ook wel differentiatie genoemd.
Juist bij ouder wordende ouders kan dat opnieuw een opgave worden. Hun afhankelijkheid groeit soms terwijl jij moet blijven voelen waar hun behoefte eindigt en jouw verantwoordelijkheid begint.
Soms zit onder irritatie ook verdriet
Er is nog iets waardoor deze levensfase emotioneel geladen kan worden: je raakt langzaam iets kwijt terwijl je ouder er nog is.
De moeder die altijd wist wat er moest gebeuren, vraagt jou ineens hoe iets werkt. De vader die vroeger raad gaf, begint zelf overzicht te verliezen. Een gesprek dat jarenlang vanzelfsprekend was, verloopt anders. Bij bepaalde vormen van verlies, waarbij iemand lichamelijk aanwezig blijft terwijl iets vertrouwds verdwijnt, hoort de term ambigu verlies.
Niet iedere verandering door ouderdom valt daaronder. Het begrip helpt wel begrijpen waarom deze fase soms moeilijk te plaatsen gevoelens oproept. Je neemt niet op één duidelijk moment afscheid. De verhouding verandert stukje bij beetje.
Soms rouw je bovendien om iets anders: de mogelijkheid dat de relatie met je ouder nog zou worden wat je ooit hoopte. Misschien zal je vader je nooit werkelijk die erkenning geven. Misschien wordt je moeder juist afhankelijker zonder dat de oude spanning tussen jullie verdwijnt.
Verdriet verschijnt onder zulke omstandigheden lang niet altijd als verdriet. Het kan zich ook laten zien als ongeduld, controle of de neiging om nóg harder te proberen iets op te lossen.
Je kunt veel regelen voor een ouder. Je kunt alleen niet verhinderen dat iemand ouder wordt. En je kunt een ander uiteindelijk niet dwingen om hulp aan te nemen of jullie geschiedenis alsnog anders te maken.
Je lichaam merkt vaak eerder dan jij dat er iets gebeurt
Die oude verhouding wordt soms het eerst zichtbaar in iets heel kleins.
- Je adem gaat hoger wanneer je moeder teleurgesteld klinkt.
- Je begint sneller te praten wanneer je vader je tegenspreekt.
- Je schouders trekken op.
- Je wilt uitleggen, overtuigen of onmiddellijk weg.
Iemand anders doet juist het tegenovergestelde en wordt stiller. De eigen mening verdwijnt en het bekende „laat maar” komt weer tevoorschijn.
Zo'n lichamelijke reactie vertelt op zichzelf nog niets definitiefs over je geschiedenis. Een strakke kaak vormt geen bewijs van onderdrukte woede en gebogen schouders vertellen niet automatisch iets over je jeugd.
Binnen lichaamsgericht hechtingswerk wordt daarom gekeken naar de hele beweging. Wat gebeurt er tussen jou en de ander? Wat merk je lichamelijk? Welke impuls ontstaat? Wat doe je vervolgens en hoe reageert de ander daarop?
Juist dat kan verklaren waarom begrijpen soms zo weinig verandert.
Je kunt heel goed weten dat je volwassen bent en dat je moeder haar teleurstelling zelf kan verdragen. Zodra zij zucht, kan je aandacht toch onmiddellijk naar haar verschuiven en kun je jezelf alweer horen zeggen dat je het wel regelt.
De reactie is dan sneller dan het besluit dat je van tevoren had genomen.
Volwassen blijven terwijl je hun kind blijft
Misschien ligt daar de werkelijke opgave van deze levensfase.
Je hoeft niet minder van je ouders te gaan houden om beter te begrenzen. Zorg en autonomie kunnen naast elkaar bestaan.
- Je kunt meegaan naar het ziekenhuis en een ander telefoontje pas morgen beantwoorden.
- Je kunt begrijpen dat je vader bang is en weigeren om opnieuw alles over te nemen.
- Je kunt verdriet hebben om de kwetsbaarheid van je moeder en tegelijk zeggen dat je niet wilt dat zij kleinerend tegen je spreekt.
Daar heeft boosheid een functie.
In lichaamsgericht hechtingswerk wordt ook gesproken over gezonde agressie: de kracht waarmee je naar voren kunt bewegen, ruimte inneemt, richting kiest en een grens voelbaar maakt. Die kracht hoeft geen aanval te worden.
Wie boosheid lang inhoudt, merkt een grens soms pas wanneer irritatie is veranderd in afstand, sarcasme of een uitbarsting. Wie eerder leert voelen wat er gebeurt, krijgt meer mogelijkheden.
Dan hoeft de vraag niet langer uitsluitend te zijn waarom je zo boos wordt op je ouders.
De meer informatieve vraag is welke positie je wilt innemen nu jullie verhouding verandert.
Je blijft hun kind. Je bent inmiddels ook een volwassen mens met een eigen leven, grenzen en verantwoordelijkheid. Misschien vraagt goed zorgen voor ouder wordende ouders uiteindelijk precies dat: dat je beide waarheden serieus neemt.
Als boosheid moeilijk te begrijpen is
Tijdens de Bellein-themadag Wat heb ik met boosheid? onderzoek je hoe boosheid, begrenzing en gezonde agressie zich bij jou lichamelijk laten voelen. Je onderzoekt wat er gebeurt wanneer je je kracht inhoudt, te laat merkt dat iets te veel wordt of moeite hebt om een grens te stellen zonder het contact te verliezen.










