Wat is lichaamslezing?

Een lichaamslezing is binnen de Bellein Academie de vakmatige discipline om waar te nemen hoe iemand zich lichamelijk organiseert en die informatie zorgvuldig te verbinden met wat die persoon ervaart.

Een therapeut luistert naar het verhaal van de cliënt. Tegelijk volgt hij wat er tijdens dat vertellen gebeurt. Misschien verandert iemands houding wanneer een bepaald onderwerp ter sprake komt. Een beweging die eerst vrij was, wordt onbewust ingeperkt. Iemand die stevig stond, verplaatst ongemerkt zijn gewicht zodra de therapeut dichterbij komt. Zulke veranderingen kunnen iets toevoegen aan wat de cliënt nog niet beseft.

Het woord lichaamslezing kan de indruk wekken dat een therapeut uit het lichaam kan ontcijferen wie iemand is of wat hij heeft meegemaakt. Zo gebruikt Bellein het begrip niet. Een waarneming is het begin van onderzoek. De betekenis ontstaat pas wanneer de therapeut verder kijkt, de cliënt betrekt en onderzoekt wat er gebeurt wanneer het lichaam daadwerkelijk in beweging komt.

Daarmee is lichaamslezing binnen Lichaamsgericht Hechtingswerk veel meer dan naar een lichaam kijken. Het is een manier van professioneel waarnemen.

Een lichaam laat zien hoe iemand zich op dat moment organiseert

Wanneer iemand staat, is zichtbaar hoe hij zijn lichaam gebruikt om zichzelf overeind te houden. Sommige mensen leunen gemakkelijk in hun benen en bewegen vrij wanneer ze van positie veranderen. Bij anderen lijkt veel inspanning nodig om stevig te blijven staan. Er kan ook een groot verschil bestaan tussen wat iemand vertelt en wat lichamelijk zichtbaar wordt.

Dat verschil is interessant.

Iemand kan zeggen dat hij zich rustig voelt terwijl zijn lichaam voortdurend klaar lijkt om te reageren. Een cliënt vertelt misschien dat hij gemakkelijk grenzen stelt en merkt tijdens een eenvoudige beweging dat het moeilijk wordt om werkelijk ruimte in te nemen tegenover een ander.

De therapeut hoeft daar nog geen verklaring voor te hebben. Eerst wordt helder wat er feitelijk gebeurt.

Juist die discipline is belangrijk bij een lichaamslezing. Een therapeut die veel heeft geleerd over lichaam en karakter kan snel patronen gaan herkennen. Vakmanschap blijkt vervolgens uit het vermogen om die eerste herkenning open te houden.

Lees verder: Emoties, grenzen en gezonde agressie

Een lichaamslezing komt tot leven wanneer iemand beweegt

Een lichaam dat stilstaat geeft maar een deel van de informatie.

Binnen Bellein krijgt een lichaamslezing daarom vooral betekenis wanneer iemand staat en gaat bewegen. Dan wordt zichtbaar hoe iemand reageert zodra er iets van hem wordt gevraagd. Een beweging kan gemakkelijk beginnen en halverwege ineens worden ingehouden. Iemand kan veel kracht hebben en die kracht nauwelijks naar buiten brengen. Een ander zet juist snel veel kracht in en ontdekt tijdens het werk hoe moeilijk het is om te vertragen.

Daarom vindt het lichaamsgerichte werk binnen Lichaamsgerichte Hechtingstherapie vaak staand plaats.

De therapeut kan iemand bijvoorbeeld uitnodigen een beweging groter te maken. Vervolgens wordt gekeken wat er gebeurt. Komt er meer vrijheid? Ontstaat er spanning? Wil de cliënt de beweging direct weer terugnemen? Zo ontstaat een ander soort informatie dan wanneer een therapeut alleen naar een stilstaand lichaam kijkt.

De lichaamslezing verandert tijdens het proces mee.

Lees verder: Wat is Lichaamsgerichte Hechtingstherapie?

Van waarneming naar werkhypothese

Stel dat een therapeut ziet dat een cliënt nauwelijks kracht gebruikt wanneer hij met zijn armen naar voren duwt.

De observatie is eenvoudig: de beweging blijft klein en er komt weinig kracht in.

Daarna begint het nauwkeurige waarnemen; kijken en voelen.

Misschien vindt de cliënt het moeilijk om een grens te stellen. Misschien is hij voorzichtig omdat hij niet weet wat van hem wordt verwacht. Misschien ervaart hij pijn in zijn schouder. Er kan ook iets gebeuren in het contact met de therapeut waardoor hij zichzelf inhoudt.

De therapeut kiest één verklaring dus nooit onmiddellijk als waarheid.

Er kan wel een werkhypothese ontstaan. De therapeut kan bijvoorbeeld vermoeden dat kracht gebruiken in relatie tot een ander spanning oproept. Vervolgens moet die hypothese worden onderzocht.

Misschien wordt de cliënt uitgenodigd om zijn voeten steviger te gebruiken terwijl hij opnieuw duwt. De therapeut kan ook lichte tegendruk geven, wanneer aanraking binnen deze sessie passend is en daar toestemming voor bestaat. Wat daarna gebeurt levert nieuwe informatie op.

De eerste hypothese kan daardoor sterker worden. Ze kan ook volledig verdwijnen.

Binnen Bellein verloopt een lichaamslezing steeds op die manier. De therapeut ziet iets, gaat gedetailleerder waarnemen, onderzoekt en stelt zijn beeld opnieuw bij.

Lees verder: Wetenschap en lichaamsgerichte therapie

De invloed van Wilhelm Reich en Alexander Lowen

De historische wortels van de lichaamslezing liggen voor een belangrijk deel in de lichaamsgerichte traditie die ontstond vanuit Wilhelm Reich en later verder werd ontwikkeld door Alexander Lowen.

Reich onderzocht hoe langdurige psychische bescherming ook zichtbaar kon worden in een chronische manier van aanspannen. Hij beschreef onder meer hoe zo'n lichamelijke organisatie zich in verschillende gebieden van het lichaam kon manifesteren. Zijn segmentale manier van kijken heeft veel latere lichaamsgerichte therapeuten beïnvloed.

Alexander Lowen ontwikkelde dit werk verder binnen de Bio-energetische Analyse. Hij liet cliënten staan en maakte gronding tot een belangrijk onderdeel van zijn werk. De therapeut keek hoe iemand werkelijk in zijn lichaam stond en onderzocht vervolgens wat er veranderde wanneer de cliënt bewoog, ademde of zich krachtiger uitdrukte.

Bellein staat duidelijk in de lichaamsgerichte traditie van Reich en Lowen. Hun werk heeft veel betekend voor de manier waarop binnen Bellein naar karakter, lichamelijke organisatie en bescherming wordt gekeken.

Tegelijkertijd vormt deze theorie één onderdeel van een veel breder professioneel kader. Een lichamelijke waarneming krijgt binnen Bellein pas betekenis wanneer zij wordt verbonden met andere informatie over de cliënt en met wat er in het actuele contact gebeurt. Die integrale manier van kijken is uitgewerkt in de Bellein TegelWijzer ©, die tijdens sessies helpt om verschillende perspectieven zorgvuldig naast elkaar te houden en tot een onderbouwde werkhypothese te komen.

Dat bredere kader bepaalt ook hoe studenten worden opgeleid. Een Lichaamsgericht Hechtingstherapeut leert daarom meer dan het herkennen van lichaams- en karakterpatronen. De student leert lichamelijke informatie verbinden met iemands ontwikkeling, de manier waarop iemand relaties aangaat en de bescherming die daarin is ontstaan. Ook wat er in de therapeutische relatie gebeurt, wordt onderdeel van het professionele onderzoek.

Daarmee leidt Bellein therapeuten op die breed kunnen waarnemen en tegelijk zorgvuldig blijven in de betekenis die zij aan hun waarnemingen geven.

Dat onderscheid is essentieel.

Lees verder: Wat is de therapeutische relatie? · Wat is gronden?

Karakterstructuren geven richting aan het kijken

Binnen de theorie van Reich en Lowen wordt ervan uitgegaan dat bescherming zich over langere tijd kan organiseren tot een karakterpatroon. Lowen verbond zulke patronen ook met terugkerende manieren waarop mensen hun lichaam gebruiken.

De Bellein Academie gebruikt de karakterstructuren nog steeds omdat ze therapeutisch veel informatie kunnen geven. Ze helpen bijvoorbeeld begrijpen waarom iemand behoefte moeilijk kan toelaten of waarom een ander veel kracht gebruikt om controle te houden.

Een lichaam bewijst echter nooit dat iemand een bepaalde karakterstructuur heeft.

Wanneer een therapeut iets herkent dat past bij een karaktertheorie, ontstaat opnieuw een werkhypothese. Vervolgens wordt onderzocht of het karakterpatroon ook zichtbaar wordt in de geschiedenis van de cliënt en in de manier waarop hij vandaag relaties aangaat.

Het model wordt daarmee een kaart waarmee de therapeut kan denken. De cliënt blijft altijd groter dan de kaart.

Lees verder: Karakterstructuren, bescherming en het lichaam

Blokkades: waar een beweging moeilijk beschikbaar wordt

In de lichaamsgerichte traditie wordt vaak gesproken over blokkades in het lichaam. Ook Bellein gebruikt dat woord, waarbij we zorgvuldig omschrijven wat we ermee bedoelen.

Een blokkade is binnen dit werk een plek waar beweging of expressie moeilijk beschikbaar lijkt. Soms wordt zichtbaar dat iemand een impuls al afremt voordat de beweging werkelijk kan ontstaan. Op andere momenten is er wel veel kracht aanwezig, terwijl die kracht voortdurend wordt vastgehouden.

Zo'n gebied kan tijdens het lichaamswerk verder worden onderzocht.

De therapeut kan de cliënt uitnodigen om beweging toe te laten en te merken wat er gebeurt wanneer daar meer kracht beschikbaar komt. Soms ontstaat hierdoor meer lichamelijke ruimte. Soms wordt plotseling een emotie voelbaar die tot dat moment nauwelijks toegankelijk was.

Wat verschijnt, kan vooraf nooit worden voorspeld.

Daarom zegt de aanwezigheid van een blokkade op zichzelf nog niets over welke emotie, herinnering of ervaring daarachter zou liggen.

Lees verder: Lichaam en psyche

Wat bedoelt Bellein met energie?

Het begrip energie komt eveneens voort uit de Reichiaanse en bio-energetische traditie.

Binnen Bellein gebruiken we het als ervaringsbegrip. Wanneer iemand zegt dat er veel energie ontstaat, kan hij ervaren dat er meer levendigheid of kracht beschikbaar komt. De behoefte om te bewegen kan groter worden. Soms wordt een impuls duidelijker die daarvoor nauwelijks merkbaar was.

Een therapeut kan dat proces helpen mobiliseren. Beweging is daarbij een belangrijk middel. Ook adem of aanraking kan het lichamelijke proces ondersteunen wanneer dat therapeutisch passend is.

Wanneer binnen de Bellein Academie wordt gesproken over energie naar een gebied brengen, bedoelen we dat we daar meer beweging en ervaren mobilisatie mogelijk proberen te maken.

We behandelen energie daarmee als een klinisch en ervaringsgericht begrip. De therapeut meet geen afzonderlijk fysiek energieveld.

Lees verder: Ademwerk: wanneer het niet handig is om intens te gaan

Lichaamslezing en de drie lagen

Bellein gebruikt binnen het persoonlijke en therapeutische werk ook het model van de drie innerlijke lagen uit het Padwerk.

In dit model ontstaat het masker wanneer iemand manieren ontwikkelt om zichzelf aanvaardbaar of veilig te presenteren. Dat masker heeft een beschermende functie. Het kan zo vertrouwd raken dat iemand zelf nauwelijks meer merkt hoeveel inspanning nodig is om het in stand te houden.

Onder dat masker kunnen gevoelens en impulsen bestaan die iemand moeilijker in zichzelf verdraagt. Padwerk gebruikt hiervoor het begrip lagere zelf. Het gaat bijvoorbeeld om delen waarin boosheid, eigen wil of de behoefte om de ander iets kwalijk te nemen moeilijk erkend kunnen worden.

Wanneer iemand steeds meer van zichzelf kan ontmoeten zonder deze delen onmiddellijk weg te drukken, kan volgens dit model ook iets anders beschikbaar komen. We spreken dan over het hogere zelf: de mogelijkheid om vanuit meer heelheid en verantwoordelijkheid te leven.

Binnen Bellein gebruiken we deze drie lagen als ervaringsmodel.

Een lichaamslezing vertelt ons niet dat we aan iemands houding kunnen zien in welke laag hij zit. Het model helpt wel onderzoeken waarom iemand zich op een bepaalde manier organiseert en wat er gebeurt wanneer die organisatie tijdens het lichaamswerk verandert.

Soms wordt pas in beweging duidelijk hoeveel kracht nodig is om een masker overeind te houden.

Waarom actief lichaamswerk meer zichtbaar kan maken

Veel mensen kunnen uitstekend vertellen hoe ze zichzelf beschermen. Ze weten dat ze sterk blijven wanneer ze eigenlijk ondersteuning nodig hebben. Ze begrijpen dat ze zich aanpassen of hun boosheid wegdrukken.

Dat inzicht is waardevol. Het betekent nog niet vanzelf dat de automatische reactie verandert.

Actief lichaamswerk brengt iemand dichter bij het moment waarop de bescherming werkelijk gebeurt.

Wanneer iemand bijvoorbeeld wordt uitgenodigd om kracht te gebruiken, kan hij merken dat zijn lichaam daar onmiddellijk op reageert. Misschien houdt hij zichzelf tegen. Misschien wordt hij plotseling emotioneel. Er kan ook juist plezier ontstaan wanneer hij ontdekt hoeveel kracht er beschikbaar is.

De therapeut hoeft niet vooraf te weten wat er gaat komen.

Dat is precies waarom het lichaamswerk zoveel informatie kan opleveren. Wat in woorden al lang bekend was, wordt op dat moment werkelijk ervaren.

Binnen Lichaamsgerichte Hechtingstherapie gebruiken we de lichaamslezing daarom nooit los van het actieve therapeutische proces.

Lees verder: Waarom inzicht alleen niet genoeg is om te veranderen

Aanraking kan het onderzoek verdiepen

Aanraking kan binnen lichaamsgerichte hechtingstherapie onderdeel zijn van lichaamsgericht werken. Zij wordt ingezet wanneer daar een therapeutische reden voor bestaat en de cliënt ermee instemt.

Een therapeut kan bijvoorbeeld met zijn hand tegendruk geven terwijl iemand een duwbeweging maakt. Daardoor wordt voelbaar hoeveel kracht de cliënt werkelijk gebruikt en wat er gebeurt wanneer hij weerstand ontmoet.

Juist bij aanraking wordt zichtbaar waarom hechting zo belangrijk is.

Een interventie die technisch eenvoudig lijkt, kan voor iemand relationeel veel betekenen. De cliënt kan zich bijvoorbeeld onmiddellijk aanpassen aan wat hij denkt dat de therapeut van hem verwacht. Daarom moet de therapeut blijven volgen wat er in het contact gebeurt en steeds ruimte laten om te stoppen of een andere keuze te maken.

Een lichaamslezing blijft dus ook tijdens aanraking een relationeel proces.

Lees verder: Wat is lichaamsgericht werken?

Hechting verandert de betekenis van wat we zien

Twee mensen kunnen lichamelijk iets vergelijkbaars doen en toch vanuit een heel andere ervaring reageren.

Iemand kan afstand nemen omdat nabijheid spanning oproept. Een ander neemt afstand omdat hij eindelijk merkt dat hij ruimte nodig heeft en daar voor het eerst naar durft te handelen.

De beweging ziet er misschien hetzelfde uit.

De therapeut kan het verschil alleen plaatsen wanneer hij ook weet wat er in de relatie gebeurt.

Daarom wordt een lichaamslezing binnen Bellein altijd verbonden met hechting. De ontwikkeling van de cliënt helpt begrijpen hoe hij heeft geleerd met andere mensen om te gaan. Vervolgens wordt onderzocht of die oude organisatie ook in het huidige contact zichtbaar wordt.

Lees verder: Hechting en het lichaam

Ook de therapeut neemt zichzelf waar

Een lichaamsgericht therapeut observeert nooit vanaf een volledig neutrale positie.

Tijdens het contact kan ook in zijn eigen lichaam iets gebeuren. Misschien merkt hij dat hij zichzelf inhoudt, harder gaat werken of juist behoefte krijgt om afstand te nemen.

Die reactie kan informatie bevatten over wat zich in het contact ontvouwt.

Ze kan evengoed voortkomen uit de therapeut zelf.

Daarom leert een Lichaamsgericht Hechtingstherapeut zijn eigen reacties te onderzoeken voordat hij ze als informatie over de cliënt gebruikt. Dat vraagt persoonlijke ontwikkeling en supervisie.

Lichaamslezing vraagt dus evenveel discipline van degene die kijkt als van degene die wordt bekeken.

Is een lichaamslezing wetenschappelijk onderbouwd?

De wetenschappelijke positie van lichaamslezing vraagt om nuance.

Er bestaat onderzoek naar lichaamspsychotherapie en naar de samenhang tussen lichamelijke processen en psychische ervaring. Houding en beweging kunnen invloed hebben op hoe iemand zichzelf ervaart en onderzoek naar lichaamspsychotherapie laat zien dat het betrekken van het lichaam therapeutisch relevant kan zijn.

De wetenschappelijke basis voor het objectief afleiden van iemands karakter, levensgeschiedenis of psychische problematiek uit zijn lichaamshouding is veel beperkter.

Er bestaat bijvoorbeeld ouder onderzoek waarin getrainde bio-energetische therapeuten redelijk veel overeenstemming bereikten bij het toekennen van karakterstructuren op basis van foto's. Dat zegt iets over de mate waarin therapeuten volgens hetzelfde theoretische kader leren kijken. Het bewijst nog niet dat de psychologische betekenis die aan zo'n lichaamsvorm wordt gegeven objectief juist is.

Daarom presenteert Bellein de lichaamslezing als een professionele vorm van hypothesevorming. We nemen het lichaam serieus. We nemen onze eigen interpretatie minstens zo serieus onder de loep.

Lees verder: Wat is lichaamsgerichte psychotherapie?

Lichaamslezing leren

Goed leren kijken vraagt tijd.

Een student kan aanvankelijk zo bezig zijn met alles wat hij denkt te moeten zien dat hij nauwelijks nog waarneemt. Zodra iemand veel theorie over karakterstructuren heeft geleerd, ontstaat bovendien het risico dat ieder detail in een bekend model wordt geplaatst.

Daarom wordt binnen de opleiding steeds opnieuw teruggekeerd naar het onderscheid tussen waarneming en interpretatie.

Eerst moet een student precies kunnen beschrijven wat zichtbaar is. Daarna leert hij mogelijke betekenissen naast elkaar te houden. Pas dan kan een werkhypothese ontstaan en kan worden nagedacht over een passende interventie.

Tijdens het actieve lichaamswerk blijkt vervolgens of die interventie werkelijk iets opent. Wanneer de cliënt verder uit contact raakt, was de timing misschien onjuist. Wanneer een beweging juist meer ervaring en keuze beschikbaar maakt, geeft ook dat nieuwe informatie.

Zo wordt lichaamslezing uiteindelijk geen truc om mensen snel te doorgronden. Het wordt een vak waarin waarnemen, denken, handelen en opnieuw kijken voortdurend met elkaar verbonden blijven.

Wie dit professioneel wil leren kan daarvoor de vierjarige beroepsopleiding tot Lichaamsgericht Hechtingstherapeut volgen. Ervaren therapeuten kunnen zich in deze werkwijze verdiepen via de verkorte opleiding voor professionals.

Wil je dit zelf ervaren? Kom naar een kennismakingsworkshop of een themadag.

Veelgestelde vragen over lichaamslezing

Kun je aan iemands lichaam zien wat hij heeft meegemaakt?

Een lichaam kan patronen laten zien in hoe iemand beweegt of zich inhoudt. Daaruit kan geen betrouwbare reconstructie van een levensgeschiedenis worden gemaakt. Een therapeut heeft altijd andere informatie nodig en onderzoekt zijn waarnemingen samen met de cliënt.

Kun je een karakterstructuur aan het lichaam zien?

De theorie van Reich en Lowen beschrijft verbanden tussen karakterbescherming en lichamelijke organisatie. Bellein gebruikt die theorie als referentiekader. Een lichaam levert geen objectief bewijs voor een bepaalde karakterstructuur.

Is lichaamslezing hetzelfde als een diagnose?

Lichaamslezing levert binnen Bellein werkhypothesen op. Diagnostiek vraagt een andere professionele procedure en, afhankelijk van de vorm van diagnostiek, specifieke bevoegdheden.

Wat is het verschil tussen observeren en lichaamslezing?

Observeren is het registreren van wat zichtbaar gebeurt. Lichaamslezing begint daar en gaat vervolgens verder. De therapeut verbindt de waarneming met veel andere informatie verkregen met behulp van de TegelWijzer ©, vormt een voorlopige hypothese en onderzoekt tijdens het proces of die hypothese bruikbaar is.

Waarom werkt Bellein bij lichaamslezing staand?

In stand en beweging wordt meer zichtbaar van de manier waarop iemand kracht gebruikt en reageert op verandering. Ook gronding wordt direct ervaarbaar. Daardoor kan een therapeut volgen wat er gebeurt wanneer een lichamelijk patroon werkelijk in beweging komt.

Verdiep je verder

Wat is Lichaamsgericht Hechtingswerk?

Het integratieve kader van Bellein: lichaam, hechting, karakter, draagkracht en relatie.

Wat is lichaamsgerichte therapie?

De bredere context van het lichaam betrekken in therapeutisch werk.

Hechting en het lichaam

Hoe nabijheid, autonomie en relationele veiligheid lichamelijk merkbaar worden.

Karakterstructuren, bescherming en het lichaam

Hoe bescherming psychisch en lichamelijk georganiseerd raakt: karakter en masker.

Wil je advies?

Onze opleidingscoördinatoren staan klaar om al je vragen te beantwoorden. Neem gerust contact met ons op voor meer informatie over de opleiding of het inschrijfproces.

Je kunt ons bellen op 06 49 16 55 34 of vul het contactformulier hier in.
We reageren binnen vijf werkdagen!

Wil je liever eerst ervaren voordat je je inschrijft? Bekijk wat je kunt beleven bij Bellein.
Kom dan naar de kennismakingsworkshop of themadag. 

Wil je meer weten over de beroepsopleiding tot lichaamsgericht hechtingstherapeut?
Ontvang onze informatiegids en ontdek alles over de inhoud, opzet en mogelijkheden van deze vierjarige opleiding. Vul hiernaast je gegevens in en ontvang de gids direct in je inbox!

Heb je vragen? Neem gerust contact met ons op.